
Broertje in je badje,
Kereltje, wat spat je!
Honderd droppels vliegen rond,
Vallen zo maar op de grond.
Foei, mijn kleine schatje.
’t Is genoeg mijn snoesje!
Kom nu maar bij moesje!
Hier op tafel zit je hoog;
Daar wrijf ik je warm en droog
Hoor, mijn robbedoesje