
Wij hebben sinds een dag of tien een aardige logé,
Al hebben wij hem nooit gezien toch eet hij met ons mee.
Maar ’s avonds laat verrast hij ons op schitterend gezang,
Een prachtig mooie aria klinkt achter het behang.
Refrein:
Het muisje zingt een aria,
Het lijkt wel een kanaria.
Maar ’t beestje laat zich nimmer zien,
Het is een beetje bang misschien.
Het fluit maar steeds zijn aria …
Als vader laat naar huis toe komt en ma met borden gooit,
Dan fluit de muis op luiden toon het liedje ‘Trouw maar nooit’.
Maar komt neef Pieter op bezoek, die houdt zo van muziek,
Dan zingt hij zacht en lieflijk de sonate pathétique.
Refrein
En wordt het ’s avonds soms wat laat, dan zing meneer de muis,
Dwars door het ergste feestnummer ‘We gaan nog niet naar huis’.
En klinkt er van een dansorkest een foxtrot door ’t vertrek,
Dan zingt het beestje dadelijk ‘O swing de Tiger Rag’.
Refrein