
Hatsjie, hatsjie, zei Akkermans,
Wat ben ik toch verkouden.
Als ik op stal de koeien melk,
Moet ik de deur dicht houden!
Hatsjie, hatsjie, ik heb in de tocht gestaan
En ik moet voortdurend niesen.
Hatsjie, hatsjie, ik zou warempel nog
Mijn dikke neus verliezen!