
Eens waren er voetjes,
Die schopten.
En beentjes die trapten in mij.
Eens waren er handjes die klopten,
Maar dat is voor altijd voorbij.
Nu ben je naar buiten gekomen.
Nu kan ik dan zien wie je bent.
Daar ben je, het kind van mijn dromen,
Mijn baby, mijn jongen, mijn vent.