
In de tuin
soezend
hoorde ik je stem
niet veraf
niet dichtbij
wel luid genoeg.
Je zong een lied
ik huilde zacht
zonder te weten
waar het over ging
een ding
weet ik zeker
Ik huilde zacht
en wist me
dicht bij jou
dichter
dan ooit.
Alsof
alsof
je mij was
zo dicht
zo dicht
dat wij
verdwenen waren.