De jaren 50



 

5. Huwelijk en Seksualiteit in de jaren vijftig

Geschreven door Ilse Steel

(klik op de plaatjes om ze te vergroten)

Het huwelijk gold als door God ingesteld, bedoeld voor de voortplanting en de opvoeding van kinderen in de katholieke geest. In principe mochten katholieken niet aan geboortebeperking doen; voorbehoedsmiddelen waren uit den boze. Echtparen werden door de kerk gestimuleerd om grote gezinnen te stichten. Hoewel lang niet iedereen op dit punt de kerk gehoorzaamde, waren Nederlandse katholieke gezinnen lange tijd de grootste in West-Europa. Met name op het platteland kwamen grote gezinnen veel voor.

Alleen binnen het huwelijk mocht aan seks gedaan worden, voor het huwelijk met elkaar naar bed gaan was uit den boze. Raakte een meisje toch zwanger voordat ze gehuwd was, dan moest ze trouwen: in de volksmond werd dat een ‘moetje’ genoemd: een schande voor de familie, Gereformeerden die wegens zwangerschap moesten trouwen, bekenden in de kerk in het openbaar schuld.

Men stuurde het zwangere meisje naar een familielid buiten de stad (liefst het platteland) en als reden gaf men een zwakke gezondheid op, herstellen van een ziekte, et cetera.

Groot gezin

Een ongehuwde vrouw die geslachtsgemeenschap had gehad met een man, werd als ‘gevallen’ vrouw bestempeld. Als uit haar ‘hoerige en onzedelijke’ gedrag een kind voortkwam, dan was dat, aldus de heersende morele opvattingen, haar ‘verdiende loon’. Het dubbele aan deze opvattingen was gelegen in het feit dat een man niets kwalijk werd genomen. Weinig werd er bij stilgestaan dat er ook vrouwen waren die door een man gedwongen werden om seksueel verkeer te hebben, laat staan dat erover verkrachting binnen het huwelijk werd nagedacht en gesproken.

Moeder

en kind

Netty Goot

Aanvankelijk werd ongehuwd moederschap als zondig beschouwd. Halverwege de jaren vijftig kwam, boven op het morele oordeel ook een wetenschappelijk oordeel. Ongehuwd moederschap was schandelijk, maar zou ook schadelijk zijn. De ongehuwde moeder zou haar kind geestelijk noch materieel veel te bieden hebben. Er werd bij de moeders sterk op aangedrongen afstand te doen van hun baby. Er bestonden verschillende katholieke tehuizen voor ongehuwde moeders. De opvang was als tijdelijk bedoeld. De vrouwen konden drie maanden voor de geboorte komen en tot minstens drie maanden daarna blijven. Dan konden ze in die tijd bepalen of ze zelf voor hun kindje wilden zorgen.

Als ze het wilden afstaan waren er met verschillende instanties, de sociale dienst, de Fiom, enzovoorts mogelijk. Maar de meisjes  konden ook langer blijven als het nodig was, dan werd er voor een kamer gezorgd en kon het kind nog een tijd in het tehuis blijven.

Sommige vrouwen wilden het kind wel houden maar waren niet welkom bij hun ouders. “Daarvoor werd een aparte huiskamer voor werkende moeders geopend met een eigen leidster, zodat de moeders die dichtbij op kamers woonden, daar hun kind opzoeken.

Deze moeders gingen overdag werken en konden ’s morgens, ’s avonds en op zondag voor hun eigen kind zorgen. Na 1965 werd het ongehuwd moederschap meer geaccepteerd in de samenleving.

Adoptie

In de loop van de twintigste eeuw werd adoptie in de meeste landen wettelijk geregeld, in Nederland als een van de laatste in Europa in 1956. Adoptie werd vanaf toen als kinderbeschermingsmaatregel juridisch  geformaliseerd.

Abortus

Het plegen van abortus was illegaal. Er waren veel artsen die niet over de juiste instrumenten en kennis beschikten om verantwoord te werk te gaan. Dit leidde vaak tot complicaties, zoals blijvende onvruchtbaarheid en sterfte van de vrouwen. Rijke vrouwen hadden de mogelijkheid om naar goede artsen te gaan. Die voerden abortus ook in het geheim uit. Doordat abortus nog niet algemeen geaccepteerd was waren er nog geen goede medische technieken ontwikkeld. Hierdoor bleef het beëindigen van een zwangerschap een zware ingreep. Hoewel abortus illegaal was wordt geschat dat in de jaren 50-70 enkele tienduizenden abortussen per jaar plaatsvonden. Het duurde nog jaren voordat abortus onder bepaalde voorwaarden officieel werd toegestaan. Eind 1984 trad de Nederlandse abortuswet in Nederland in werking. In de ‘Wet afbreking zwangerschap (WAZ)’, zoals de naam van de abortuswet officieel luidt, werd vastgesteld dat de behandeling alleen door een geneeskundige mag worden verricht in een ziekenhuis of kliniek met een speciale vergunning. Daarnaast moeten vrouwen die een abortus willen laten uitvoeren vijf dagen bedenktijd in acht nemen. De toegestane termijn voor abortus is 24 weken vanaf de bevruchting. De Nederlandse artsen houden meestal een termijn van 22 weken aan zodat ze zeker binnen de vastgestelde termijn blijven. 

Het gezin

Gezin jaren 50

Foto: De Stem

De ideale taakverdeling in het huwelijk was duidelijk: de man werkte en de vrouw zorgde voor het huishouden en de kinderen. De man stond aan het hoofd van het gezin en de vrouw was de zorgende steun en toeverlaat van haar echtgenoot. De rol van de vrouw was duidelijk die van huismoeder in het gezin. Voor de opvoeding van kinderen was het belangrijk dat er iemand thuis was die de kinderen kon verzorgen en opvoeden. Dat wil niet zeggen dat dit de standaard in elk katholiek gezin was. Vooral in gezinnen uit het midden en hogere klassen van de samenleving werkten vrouwen gewoon mee. Echtscheidingen werden nog niet getolereerd.

Hoewel volgens de kerkleiders in Rome het gezin de hoeksteen van de samenleving was waren er, net als nu, mensen, die niet trouwden. Sommigen, omdat ze voor een leven als priester, religieus of als religieuze kozen, anderen omdat ze geen partner konden of wilden vinden. Ondanks de veranderende maatschappelijke opvattingen blijft de kerk officieel bij haar standpunt over het huwelijk en het gezin als hoeksteen van de samenleving.

Wat de liefde betreft: een relatie, en zeker een seksuele, werd alleen aangegaan met iemand van het eigen geloof. Een bekend gezegde daarover: “Twee geloven op een kussen, daar slaapt de duivel tussen”. Seks werd ‘gemeenschap’ genoemd, en het huwelijk was uitdrukkelijk bedoeld om kinderen te verwekken. Nette meisjes deden ‘het’ niet; nette jongens misschien wel, maar  zeker niet met nette meisjes. Men wist in de jaren  vijftig erg weinig over seksualiteit in het algemeen en over het eigen lichaam bedroevend weinig.

Rode oortjes kreeg men al snel bij het zien van ‘pin-ups’, praten er over was taboe. Seks in de jaren vijftig was met een geheimzinnige waas omhuld, De generatie van vlak na de oorlog, de babyboomers, was in een tot dan toe ongekende luxe opgegroeid. Toen zij de jaren des onderscheids hadden bereikt, was de wederopbouw grotendeels voltooid en konden ze zich bezig houden met de wat mondainere kanten van het leven. De pil veroorzaakte een aardbeving die in Nederland. Seks diende niet meer alleen de voortplanting, maar ook de ontspanning, ja zelfs de ontplooiing van de moderne mens. Wij waren bevrijd, de wilde sixties konden beginnen.

Seksuele voorlichting aan kinderen was in de jaren ’50 niet gebruikelijk. Er werd amper over seksualiteit, ongesteldheid en alles wat daar  mee te maken heeft gesproken. Seks bestond gewoonweg niet. Kinderen werden gebracht door de ooievaar of kwamen uit de boerenkool. Wanneer een meisje ongesteld werd, wist zij vaak niet wat haar overkwam.

Ooievaar met baby

Boerenkool

Stoffen maandverband

Tot diep in de jaren ’60 maakten alle vrouwen in West-Europa nog maandelijks gebruik van katoenen lappen om menstruatiebloed op  te vangen. Naast het maandverband werd ook de tampon ontwikkeld. De Amerikaan Earle C. Haas en zijn vrouw werkten beiden in de medische zorg en hadden ervaring met verschillende absorberende materialen. Rond 1930 vroeg hij patent aan voor Tampax, dat zich ontwikkelde tot de eerste succesvolle tampon.

Enkele jaren later ontwikkelde de Duitser Carl Hahn ook een soortgelijk attribuut. Hij noemde het O.B., als afkorting voor ‘Ohne  Binde’ (Duits voor zonder verband). Aanvankelijk waren de tampons geen echt groot succes, men was bang voor het onbekende. Vanaf de jaren zeventig werden tampons steeds meer gebruikt.

Safe sex

Ondanks dat er niet tot nauwelijks over seks werd gesproken, was het belang van veilig vrijen wel bekend in de vijftiger jaren. De eerste  condooms werden gemaakt van schapendarm of andere materialen van dierlijke oorsprong. De productie van condooms in latex was een grote stap voorwaarts. Dit omdat ze veel veiliger en goedkoper waren dan de varianten van natuurlijke materialen. 

Kennis over waar de kinderen vandaan komen is tegenwoordig gemakkelijk te vinden. Boeken, tijdschriften en internet geven op veel vragen antwoord. Maar dat was niet altijd zo. Voor de oorlog probeerde de Neo-Malthusiaanse Bond de armoede te bestrijden door seksuele voorlichting te geven en voorbehoedmiddelen te verspreiden. Na de oorlog werd de NVSH opgericht met hetzelfde doel. Dat was geen luxe: als je al over anticonceptie wilde praten, kon je met je vragen niet bij je huisarts terecht. Ondanks het missiewerk van de NVSH was het met de kennis van seksualiteit en voorkoming van ongewenst zwangerschap droevig gesteld.

Zelfs gynaecologen kregen tijdens hun opleiding nauwelijks iets te horen over seksualiteit en anticonceptie. Artsen die meer over seksualiteit wilden weten moesten zelf een stage bij één van de NVSH-consultatiebureaus regelen.

Emeritushoogleraar gynaecologie Pieter Treffers: “Anticonceptie was een onbehoorlijk onderwerp, artsen bemoeiden zich er niet mee. In 1950 heeft de redactie van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde zijn excuses gemaakt voor de publicatie van twee artikelen over de verschillende methoden voor geboortebeperking.”

Treffers

De verkoop van voorbehoedsmiddelen in het openbaar was verboden. Sommige drogisten verkochten deze voorbehoedsmiddelen onder de toonbank. De enige plaatsen waar je zonder problemen voorbehoedsmiddelen kon kopen waren de Rutgershuizen van de NVSH. En ook daar was de verkoop niet openbaar, omdat alleen leden ze mochten kopen. Men moest aantonen dat er een vaste relatie (verkering) was. En men stond ook onder 2-maandelijkse controle. Kwam je in die tijd als meisje zelf met een pakje condooms aanzetten, dan was je meteen de ‘Hoer van Babylon’. Als een vrouw ongewenst zwanger was waren er drie mogelijkheden: het kind houden, het kind afstaan of abortus.

In het laatste geval moest zij haar toevlucht zoeken bij “engeltjesmaaksters” die met breinaald en zeepspuit hun werk deden. Dat waren uit medisch oogpunt bepaald geen ideale middelen om een zwangerschap af te breken. De meeste aborteurs hadden nauwelijks medische kennis. Als gevolg van de behandeling kregen de behandelde vrouwen vaak bloedingen en liepen zij inwendige verwondingen op. De hygiënische verzorging was vaak slecht, met als gevolg infecties. Het kwam zelfs voor dat vrouwen aan de gevolgen van een abortusingreep overleden. Veel vrouwen hielden na het ondergaan van een abortus levenslang een schuldgevoel.

In 1952 bracht de hoogleraar pedagogiek M.J. Langeveld het rapport ‘Maatschappelijke verwildering der jeugd’ uit. Rapport betreffende het onderzoek naar de geestesgesteldheid van de massajeugd in opdracht van de Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen. Het was het eerste echte jeugdonderzoek in Nederland, en daarmee een uniek tijdsbeeld. Het zou de toenmalige jongeren ontbreken aan ‘een in de diepte van het eigen wegen gelezen zin en vormgevend principe van subjectieve zelf- en wereldopvatting’. Vandaar dat zij hun toevlucht zochten in seks, en in de jaren vijftig nog vooral denken aan seks.

Langeveld

In 1952 verscheen het Rapport van de Synode van de Hervormde Kerk ‘Het huwelijk’, waarin anticonceptie binnen het huwelijk aan het betrokken echtpaar werd overgelaten.

In het debat over huwelijk en seksualiteit tekende zich wel een belangrijke omslag af. Het was de beslissende fase in het lange en moeizame proces van de aanvaarding van de moderne anticonceptie in Nederland. Al was die nog zo omstreden, de triomf was zeker.

De massale toeloop van leden naar de NVSH gaf aan de jaren vijftig zeker een even revolutionair karakter als de in de jaren zestig. Ondanks het baanbrekend werk van de NVSH was het met de kennis van seksualiteit en van voorbehoedsmiddelen droevig gesteld. Mevr. Stoffels, in de jaren vijftig beheerster van het Utrechtse Rutgershuis: “Er kwamen hier jonge stellen die niet eens wisten hoe het moest”. Want, als maagd het huwelijk in, dat was de norm !

In de loop van de jaren vijftig raakte de opvatting dat men voorbehoedsmiddelen alleen in noodsituaties mocht gebruiken achterhaald. Binnen het huwelijk moest men zelf de omvang van het gezin kunnen bepalen en hierbij gebruik kunnen maken van voorbehoedsmiddelen. De komst van de anticonceptiepil betekent een ware revolutie.

Het verlost de vrouw van allerlei vrij onbetrouwbare methoden, zoals bijvoorbeeld: periodieke onthouding. De Katholieke Kerk vond periodieke onthouding – onder bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld wanneer de vrouw erg verzwakt was van alle zwangerschappen – nog wel toelaatbaar. Daarom werd het ook wel ‘Vaticaans roulette’ genoemd.

Vanaf 1956 wordt er een betrouwbare pil gemaakt die in 1960 op de Nederlandse markt komt. De pil wordt echter alleen op medische indicatie voorgeschreven. Orale anticonceptie (“de pil”) was in de jaren vijtig in de Verenigde Staten ontwikkeld. In Nederland produceerde de firma Organon in Oss medicijnen uit hormonen die uit slachtafval gewonnen werden. Oorspronkelijk was de fabriek onderdeel van het vleeswarenconcern Zwanenberg (van de worsten van Zwan). Het lag dan ook voor de hand dat Organon de pil voor de Nederlandse markt zou produceren.

Bekkers

Daarbij ging men niet over één nacht ijs: de fabriek lag in het Roomse Zuiden, het merendeel van de arbeiders was katholiek en men verwachtte problemen als het episcopaat medewerking aan productie van de pil zou verbieden. Na uitgebreid overleg met bisschop Bekkers van Den Bosch werd een compromis gesloten: Organon kon de pil op de markt brengen op voorwaarde dat die niet als anticonceptiemiddel aan de vrouw gebracht werd. En zo geschiedde: het middel was bedoeld tegen een onregelmatige menstruatiecyclus; tijdelijke onvruchtbaarheid werd als bijwerking in de bijsluiter vermeld.

Vele Brabantse kloosterzusters verpakten jarenlang zonder het te beseffen  miljoenen anticonceptiepillen. Eén onverwachte bijwerking had de pil wel: omdat hij alleen op recept verkrijgbaar was, werden artsen eindelijk gedwongen zich met geboortebeperking bezig te houden. Ze zagen er een probaat middel in om het aantal abortussen omlaag te brengen. Niettemin bleef de kennis over andere voorbehoedsmiddelen zelfs bij artsen minimaal. Nog in de jaren zeventig, het decennium waarin alles moest kunnen en iedereen alles over seks leek te weten wat er te weten viel, organiseerde het Nederlands Huisartsen Genootschap nog bijscholingscursussen waar artsen alles leerden wat ze nooit hadden durven vragen over pessarium, zaaddodende pasta en schuim.

Vrouw en seksualiteit

Vrouwen die zich in deze seksonvriendelijke tijden waagden aan meer dan een voorzichtige afscheidszoen bij de voordeur, hadden het moeilijk. In de jaren vijftig was de vrouwelijke seksualiteit hooguit een ziekte die wegbehandeld moest worden  Het was vroeger zo dat vrouwen seks niet leuk hoefden te vinden, en er zeker geen plezier aan mocht beleven ! De vrouwen werden geacht seksualiteit puur te beleven als voortplanting. In de jaren vijftig bespraken vrouwentijdschriften omslachtig onderwerpen als seksuele voorlichting en gepast gedrag voor verloofden.  In de jaren vijftig  verscheen het rapport van de Amerikaanse seksuoloog Kinsey. Het rapport zwengelde in de VS de discussie aan over de grote leugens en propaganda die de kerk eeuwenlang over de vrouw had uitgestrooid.

Professor Alfred Kinsey was de eerste onderzoeker die de menselijke seksualiteit als onderwerp nam voor wetenschappelijke research. Zijn publicaties waren een keerpunt in de benadering van seksualiteit doordat hij het onderwerp uit de sfeer van de onbespreekbaarheid haalde Zijn voornamelijk sociologische interview studies van menselijk seksueel gedrag begonnen in 1938 en leidden tot twee wereldschokkende standaardwerken. Hij publiceerde in 1948 Sexual behavior in the human maleen in 1953Sexual behavior in the human female‘. Kinsey heeft voor het eerst laten zien hoe enorm divers het seksueel gedrag van de mens is en dat niet alles wat van de norm afwijkt een seksuele afwijking is. Dat er een seksuele norm bestaat betekent immers niet dat iedereen als maagd het huwelijk ingaat. Zijn onderzoek staat nog altijd als een huis. Kinsey schreef geschiedenis.

Kinsey

Kinderen ontdekken hun eigen seksualiteit gedeeltelijk zelf, maar worden door middel van seksuele voorlichting ook daarin onderwezen; zowel door de ouders, als ook op school. De seksuele voorlichting is in de laatste helft van de 20e  eeuw sterk van oriëntatie veranderd, in Nederland mede door toedoen van de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming. Voorheen werd kinderen alleen verteld dat seks vies was en verboden. Doktertje spelen was voor veel kinderen in de jaren vijftig een mogelijkheid om het eigen lichaam en dat van de andere sekse te bekijken en te verkennen.  Het moest wel stiekem, maar dat maakte het extra spannend ! Tegenwoordig wordt veel meer ingegaan op de liefde, de biologie van seks en methoden om ziekten en zwangerschap te voorkomen.

Homoseksualiteit

In de eerste jaren na de oorlog veranderde er weinig. Homoseksualiteit onder de 21 jaar was verboden en in de jaren 50 was justitie actief overtreders aan het vervolgen. Bijna niemand durfde voor zijn of haar homoseksualiteit uit te komen. De psychiatrie en medische wetenschap hielden zich bezig met de ‘genezing’ van homomannen. Tot in de jaren zestig zijn elektroshocktherapie en castratie onderdeel van deze medische behandeling geweest.

In de jaren vijftig van de vorige eeuw was homoseksualiteit een seksuele perversiteit, de voorkeur voor de eigen sekse werd schandelijk en zondig gevonden, of het werd doodgezwegen. Homoseksuelen ontmoette elkaar vooral in parken, op straat en in urinoirs, in de schaduw van de nacht. Vanaf het einde van de negentiende eeuw tot de jaren ’50/ ’60 ontwikkelde de (wetenschappelijke) waardering van homoseksualiteit zich in grote lijnen van ‘zonde’ via ‘ziekte’ naar ‘psychische afwijking’. Toen bleek dat ook deze laatste ‘diagnose’ niet houdbaar was, gingen de ontwikkelingen snel. De ideeën over seksualiteit veranderden onder invloed van wetenschappelijke ontwikkelingen. In de twintigste eeuw begonnen mannen zich onder andere in het COC te organiseren.

Erotiek

De seksuele revolutie begon eigenlijk al in de jaren vijftig. Bijna vijftig jaar lang konden de Nederlandse mannen bij de kapper ‘De Lach’ lezen. Het eerste nummer verscheen in 1924. Tijdens de oorlog kreeg ‘De Lach’ een verschijningsverbod.  De formule van het blad zou tot in de jaren zestig grotendeels ongewijzigd blijven. Populair was de rubriek ‘Lachfilmpjes’ met moppen en cartoons. Verder foto’s van schaars geklede vrouwen, met name filmsterren. Er stonden ook verhalen in, maar de gemiddelde lezer was toch vooral geïnteresseerd in de foto’s.  ‘De Lach’, kon de concurrentie in de jaren zestig niet aan. Het laatste nummer verscheen op 7 april 1972.

In de jaren vijftig is porno nog een taboeonderwerp. Het eerste nummer van de ‘Playboy’ verscheen namelijk al in de jaren  vijftig, met Marilyn Monroe als playmate. ‘Playboy Magazine’ is een erotisch getint tijdschrift, vooral bedoeld voor heteroseksuele mannen, opgericht in 1963 door Hugh Hefner. In die jaren waren sekssymbolen al niet eens meer zo opzienbarend. Marilyn zorgde voor opschudding, maar het werd niet verboden zich zo te kleden. Een minder bekend maar toch het allereerste sekssymbool van Hollywood, dat door haar werk zelfs in de gevangenis belandde, is Mae West.

Mae West

Mae West was een Amerikaans actrice, scenariste, toneelschrijfster en sekssymbool,  die in de jaren dertig met haar suggestieve en seksueel getinte dialogen zeer populair werd, maar ook veel controverse veroorzaakte. Deze dialogen verkenden vaak de grenzen van wat de censuur toestond. Ze schreef al haar teksten zelf. Mary Jane West werd in 1893 geboren in Brooklyn. Op haar vijfde trad ze al op in Vaudeville. Enkele jaren later zou ze optreden in de revue onder de naam ‘The Baby Vamp’. Ze werkte later op Broadway als actrice en toneelschrijfster. In 1926 werd haar zelfgeschreven toneelstuk “Sex” geproduceerd. Omdat het stuk zeer controversieel was werd Mae opgepakt en moest ze voor tien dagen de gevangenis in. Haar tweede toneelstuk, “The Drag” uit 1927, ging over homoseksualiteit. Het stuk mocht niet op Broadway worden gespeeld, waardoor het publiek naar New Jersey moest om het te zien. Ook dit stuk werd een hit.

In 1928 speelde Mae weer op Broadway in “Diamond Lil”. Het karakter dat ze hierin speelde, de brutale, pikante en sarcastische blondine die duidelijk genoot van seks en flirten, zou haar handelskenmerk worden; de meeste van haar volgende rollen zijn voortgekomen uit ‘Diamond Lil’. Het stuk groeide uit tot haar meest succesvolle toneelstuk. Maar in 1933 trok de censuur aan. De Production Code, een vorm van zelfcensuur, werd ingevoerd. Er wordt gezegd dat deze code een gevolg is van de stukken van Mae West. Mae hermonteerde haar films en weet toch door de censuur heen te komen, ondanks de dubbelzinnige dialogen die in al haar producties verwerkt zijn.

In 1935 was ze de uitgegroeid tot de best betaalde vrouw in de Verenigde Staten. Eind jaren dertig werd ze van de radio verbannen nadat ze een interview gegeven had waarin ze veel seksueel getinte uitspraken deed.

In 1959 schreef ze haar autobiografie “Goodness Had Nothing To Do With It”. Na vele toneelstukken en films schitterde Mae op 84-jarige leeftijd nog in de film “Sextette” uit 1978.

Bettie Page

Met haar wulpse rondingen en ravenzwarte haar werd pin-up girl Bettie Page een icoon van de jaren vijftig. Haar afbeelding sierde miljoenen kluisjes, garagemuren, speelkaarten en jongensslaapkamers.

Hoewel haar carrière als pin-upgirl maar zeven jaar duurde was Bettie Page volgens ‘Playboy’ hét model van de twintigste eeuw. Achter haar vertederende voorkomen sluimerde de opgekropte seksualiteit die een decennium later zou losbarsten in de seksuele revolutie. Het maakte haar het symbool van een tijd waarin afscheid genomen werd van de vooroorlogse preutsheid.

Hoewel Page, geboren als Betty Mae Page op 22 april 1923 in Nashville, al in 1950 begon met haar modellencarrière was haar grote doorbraak de fotosessie die zij deed voor het januarinummer van ‘Playboy’ in 1955.

Het model dat een zeer korte loopbaan als lerares achter de rug had, viel als pin-up girl in de smaak omdat ze enerzijds een degelijke girl-next-door neerzette, maar tegelijkertijd liet merken ook minder onschuldige eigenschappen in huis te hebben. Hoewel pin-up foto’s over het algemeen niet zo expliciet zijn, poseerde Page regelmatig op naaldhakken en in leren korsetten met zweepjes en andere bondageaccessoires. Voor die tijd was dat zeer shockerend.

Marilyn Monroe

The glamour girl

 

Marilyn Monroe was een Amerikaanse actrice, zangeres, cultfiguur en sekssymbool. Marilyn werd als Norma Jean Baker geboren in arme omstandigheden. Haar geesteszieke moeder stuurde haar naar een pleeggezin waar Marilyn opgevoed werd. Toen ze negen was, werd ze naar een weeshuis gestuurd. Op 16-jarige leeftijd trouwde ze met de 21-jarige James Dougherty. Het huwelijk hield vier jaar stand. Ondertussen werkte Marilyn als model voor badpakken en werd opgemerkt door Hollywood. Marilyn kreeg een paar korte contracten bij een paar filmmaatschappijen en speelde een aantal kleine rollen in onder andere “The Asphalt Jungle” en “All About Eve” (1950). Met haar volgende films ‘Niagara’ (1953) en ‘Gentlemen Prefer Blondes’ (1953) werd haar status als sekssymbool gelanceerd. 

In januari 1954 trouwde ze met basketballster Joe diMaggio. Na ‘There’s No Business Like Show Business’ (1954) etaleert ze in “The Seven Year Itch” (1955) haar komisch talent. In oktober 1954 scheidde Marilyn van diMaggio. Met “Bus Stop” (1956) liet Marilyn zien dat ze ook serieuzere rollen aankon. Haar Brits avontuur met Laurence Olivier in haar volgende film “The Prince and the Showgirl” (1957) was echter niet zo succesvol.

In het jaar 1956 trouwde ze met toneelschrijver Arthur Miller. Maar na 5 jaar bleek opnieuw dat het huwelijk niet voor Marilyn was weggelegd.

Marilyn  keerde terug naar de Verenigde Staten en draaide “Some Like it Hot”, (1959) een uiterst succesvolle komedie. Ondertussen ging het echter steeds achteruit met de gezondheid van Marilyn. Ze had de gewoonte te laat te verschijnen op de set en zocht haar toevlucht in alcohol en pillen. In 1961 verscheen de laatste afgewerkte film van Marilyn ‘The Misfits’. Voor de buitenwereld leek ze altijd een mooie, vrolijke en opgewekte vrouw, maar van binnen werd ze steeds eenzamer. Ze wist niet meer wie ze kon vertrouwen en vond dat moeilijk.

Som Like It

Hot

Op 5 augustus 1962 werd de filmster dood teruggevonden in haar huis. Ze stierf aan een overdosis pillen. Marilyns dood is vaak het onderwerp geweest van speculaties over een moordaanslag, maar de officiële verklaring luidt ‘zelfmoord’. Er is in de media veel gespeculeerd over een mogelijke relatie tussen Marilyn Monroe en president Kennedy. Met de Amerikaanse president John F. Kennedy zou ze volgens deze geruchten een affaire hebben gehad, maar nadat hij haar beu was, zou deze haar over hebben gedaan aan zijn broer Bobby Kennedy. Toen deze haar zou hebben laten vallen, zou Monroe door het lint zijn gegaan, en een poging tot chantage hebben gedaan. Bewijs voor de relatie en een andere doodsoorzaak is nooit gevonden. Tenslotte ging het hier om twee belangrijke politieke figuren van de vroege jaren zestig die alle twee werden vermoord. J.F.Kennedy in 1963 en Bobby Kennedy in 1968. Voor de populaire pers goed voor veel sensatie verhalen.

Jayne Mansfield

Jayne Mansfield, artiestennaam van Vera Jayne Palmer, was een Amerikaans filmactrice en sekssymbool. Ze studeerde drama en natuurkunde aan de Southern Methodist University, en deed een aantal colleges aan de University of Texas in Austin. Haar eerste optreden was op 22 oktober 1953 in een productie van Arthur Millers ‘Death of a Salesman’. Jayne won ook een aantal schoonheidswedstrijden in Texas.

In 1954 verhuisden Jayne naar Los Angeles, waar ze drama studeerde aan de UCLA. Ze was bekende om haar platinablonde haar, haar zandloperfiguur en haar diepe decolletés.

Jayne Mansfield heeft niet in veel films gespeeld – na een paar grote rollen in Hollywood bleek de combinatie van negatieve publiciteit en slechte zakelijke beslissingen te veel, en ze belandde buiten het spotlicht van Hollywood. Ze trad op in kleine nachtclubs, en speelde in een aantal kleine producties, voornamelijk melodrama’s en komedies. In oktober 1957 ging ze op tournee door Europa, en deed zestien landen aan. Haar films “The Girl Can’t Help It” was populair, maar de opvolger “Kiss Them for Me” (1957) deed het niet zo goed, en bleek haar laatste rol in een grote Hollywoodfilm te zijn. Ze bleef echter in het spotlicht, en won een ‘Golden Laurel’ in 1959 voor haar muzikale optreden in de westernfilm “The Sheriff of Fractured Jaw”.

Jayne Mansfield trouwde drie keer en scheidde tweemaal. Na een optreden in de Gus Stevens ‘Supper Club’ in Biloxi, Mississippi, reden Mansfield, Brody en hun chauffeur, Ronnie Harrison, samen met Jaynes kinderen Miklós, Zoltan, en Mariska in Stevens’ auto naar New Orleans, alwaar ze vroeg in de morgen een interview zou geven. Op 29 juni 1967 om ongeveer 2:25 am reed de auto in op een tractortrailer die langzamer was gaan rijden omdat er een insecticide werd gesproeid. De kinderen overleefden het met kleine verwondingen, maar de volwassenen waren op slag dood. Ze werd begraven op 3 juli in Pen Argy, Pennsylvanië. In het Hollywood Forever Cemetery staat een steen voor haar met het verkeerde geboortejaar erop. Wilt u het levensverhaal van Jayne Mansfield lezen, klik dan hier

Brigitte Bardot

Brigitte Bardot, ook wel BB genoemd, is een Frans fotomodel, actrice en zangeres. Ze wordt beschouwd als de belichaming van de jaren vijftig. Bardot, een dochter van een industrieel Louis Bardot, werd op het conservatorium van Parijs tot klassiek balletdanseres geschoold. Ze begon met modellenwerk toen ze 15 jaar oud was. In 1952 was ze voor het eerst te zien op het witte doek in “Le Trou Normand”. In hetzelfde jaar trouwde ze op 18-jarige leeftijd met regisseur Roger Vadim. Ze scheidde in 1957 van hem en trouwde later met acteur Jacques Charrier, de Duitse miljonair Gunther Sachs en de Franse, extreemrechtse politicus, Bernard d’Ormale. Bardot heeft ook beruchte relaties gehad met Serge Gainsbourg, Sacha Distel en Jean-Louis Trintignant.

Brigitte Bardot heeft in totaal 48 films gemaakt. Haar internationale doorbraak  kwam in 1956 met Vadim’s “Et Dieu créa la femme”, waarin ze het weesmeisje Juliette speelt. Brigitte Bardot was op haar best in lichte komedies, waarvoor ze een merkbaar acteertalent bezat. Uit de honderden foto’s van de filmster Brigitte Bardot moeten die van beroepsfotograaf Sam Levin speciaal genoemd te worden. Met name in het begin van Brigitte’s carrière hebben Levin’s foto’s belangrijk bijgedragen aan haar imago van sensualiteit en lichte immoraliteit. Eén van deze opnames toont Bardot in een wit korset, van achteren gefotografeerd. Naar verluidt verkocht de ansichtkaart met deze foto in Parijs rond 1960 beter dan ansichtkaarten van de Eiffeltoren.

“Et Dieu… créa la femme” (en God schiep de vrouw) is een film uit 1956 onder regie van Roger Vadim. De film werd al snel aan internationale markten verkocht. Bardot werd in één klap een internationale ster en sekssymbool en het bezorgde haar wereldfaam. De film werd in de Verenigde Staten controversieel door zijn erotische scènes. Curd Jürgens, een welbekende Duitse acteur, accepteerde een rol, nadat hij er zeker van was dat de film voor een internationale doorbraak zou zorgen. Niet veel later kreeg ook Jean-Louis Trintignant, die toen nog onbekend was, een rol.

Het weesmeisje Juliette Hardy aardt door haar licht extreme karakter niet in haar pleeggezin. Ze is een aantrekkelijke vrouw waar de mannen achteraan zitten. Ze is verliefd op Antoine Tardieu en ook hij deelt dezelfde gevoelens voor haar. Maar hij durft haar niet ten huwelijk vragen vanwege de mening van zijn vrienden over haar. Zijn broer begint met haar te flirten als Antoine in het buitenland is. Als hij terugkeert, ontdekt hij dat ze zelfs getrouwd zijn. Er ontstaan al gauw problemen als hij zijn persoonlijke gevoelens nu wel bekend durft te maken.

Een uitspraak van Brigitte Bardot luidde: ‘Als ik verliefd word, is dat met lichaam en ziel. Zolang de liefde duurt, ben ik gelukkig; dooft ze, dan heeft het geen zin haar kunstmatig te willen verlengen’

Opvoeding

In het begin van de jaren vijftig had een kwart van de gehuwde vrouwen boven de 45 acht of meer kinderen. Zulke grote gezinnen zijn inmiddels een zeldzaamheid geworden. Na de Tweede Wereldoorlog zochten veel mensen naar geborgenheid binnen het gezin, gaf men kinderen een beschermde – vaak strenge – opvoeding met vaste rollenpatronen.

De drie R’s van Rust, Reinheid en Regelmaat waren heilig. In de jaren vijftig was de sociale controle erg groot. De regels waren helder en werden door iedereen nageleefd. Iedereen wist waar hij of zij aan toe was. Goede manieren, spreken met twee woorden, netjes een hand geven, opstaan in bus of tram voor een ouder iemand.

Dr. Benjamin Spock McLane, werd geboren op 2 mei 1903 in New Haven, Connecticut, als het oudste kind van een groot en streng gezin. Hij werd zo autoritair opgevoed, dat hij op zijn 82e levensjaar nog zei: “Ik hou van dansen en doe het graag, alleen al om mezelf te bevrijden van mijn puriteinse opvoeding.” Dr. Benjamin Spock was een Amerikaanse kinderarts en hoogleraar aan de Universiteit van Cleveland. Zijn ideeën over de zorg voor en opvoeding van kinderen hebben vele generaties ouders beïnvloed. In de jaren vijftig was hij zeer populair in Nederland. Het boek “Baby & kinderverzorgingwerd voor het eerst gepubliceerd in 1946. Het werd een bestseller ! Spock werd de grootste opvoeder aller tijden genoemd. Op 15 maart 1998 sterft hij op de hoge leeftijd van 95 jaar.

Spock

Het kind, zo leerde de Dr.Spock, was geen vijand, maar een vriend. Je hoefde er niet bang voor te zijn. En wat ook heel revolutionair was: als ouder hoefde je niet af te gaan op godsdienstige of gelijksoortige angstige opvoedboekjes, je mocht gewoon in je eigen kunnen, geloven. ‘Heb vertrouwen in uzelf’, stond in de eerste paragraaf. ‘Uw kind wordt geboren om een redelijk, vriendelijk mens te zijn.’ In het naoorlogse Nederland bleek het boek een verademing, en misschien was het zelfs wel meer dan dat, het was zogezegd een bevrijding. Eindelijk mocht een courant naslagwerk als ‘Het gezinsboek’ uit 1938 – waar slaag en tucht nog werd aanbevolen – in de prullenmand.

‘Soms kan lichamelijke kastijding niet achterwege blijven, en geschiede dan op de plaats waar de rug ophoudt een fatsoenlijken naam te dragen’, zo adviseerde de auteur de ouders. Bijbel en catechismus konden naar de afdeling theologie op de boekenplank. Op het plankje opvoeden stond voortaan Dr. Spock. Dr. Spock, legde uit dat grootbrengen makkelijk zonder al die overmaat aan gestrengheid kon. Benjamin Spock leerde Nederland dat liefde en begrip veel belangrijker waren dan discipline. Kwade tongen beweren dat de Amerikaanse arts verantwoordelijk was voor het zeuren en dreinen van de verwende babyboomgeneratie.

Om even terug te komen op het zogenaamde zeuren en dreinen van de ‘verwende babyboom-generatie’, deze generatie (waar ik zelf, Ilse Steel, deel van uit maak, ik ben in 1949 geboren) was kind in de jaren vijftig en qua opvoeding verschilde dat niet zoveel vergeleken met de naoorlogse jaren. Denk maar aan de fraters en nonnen, de school en vooral de kerk !

We werden van alle kanten in de gaten gehouden. Van verwennerij was geen sprake en zeuren en dreinen deden we niet want ja was ja en nee was nee ! We kwamen niets te kort, ook al hadden veel gezinnen het niet breed, objectief gezien was het in de meeste gezinnen voor de kinderen gewoon gezellig en kwamen ze geen liefde of begrip te kort.

Het leren omgaan met geld, door middel van zakgeld, was een goede oefening om de waarde van geld te leren kennen. Sommigen kwamen altijd tekort en anderen spaarden er zelfs nog van. Meestal werd op je verjaardag het zakgeld weer wat verhoogd en ook al was het niet ruim het gaf toch een gevoel van vrijheid op dat gebied !

De opvoeding was vrij streng maar daar zijn we niet slechter van geworden in mijn opinie ! Pas begin jaren zestig toen we tieners werden begon er daadwerkelijk iets te veranderen, de opvoeding werd wat moderner, maar niet zonder strijd ! Ik noem een paar dingen: op tijd thuis zijn (geen discussie mogelijk), netjes oppassen, seksualiteit was nog steeds niet echt bespreekbaar, ouders wilde weten waar je uithing en vooral wat je ging doen.

Bij fuifjes bleven de ouders een oogje in het zeil houden et cetera. Hier speelde de bezorgdheid een grote rol want de tijd veranderde met een sneltreinvaart. Er ontstond een generatiekloof doordat de ouders de veranderingen soms niet bij konden houden en hun kinderen opstandig gedrag vertoonden, pubertijd en de moderne tijd gingen hand in hand.

De normen en waarden van de jaren vijftig werden niet allemaal overboord gegooid en de ouders en kinderen groeiden mettertijd weer naar elkaar toe. De omgang met elkaar werd wat losser en vriendschappelijker en dat was een prettige bijkomstigheid. Opvoeding is van alle tijden en veranderingen komen en gaan het is de kunst om je aan te passen en dat gaat nu eenmaal niet zonder slag of stoot !

Bronnen:

Geïllustreerde encyclopedie

Het aanzien 1955-1959

Geschiedenis VPRO

De Volkskrant artikel postuum Bettie Page

Door Marijn Schrijver, gepubliceerd op 12 december 2008

Filmencyclopedie

Wikipedia

Terug naar het overzicht van de Jaren 50


X

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat u onze website zo goed mogelijk beleeft. Als u deze website blijft gebruiken gaan we ervan uit dat u dat goed vindt. Meer informatie

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker beter werkt. Daarnaast gebruiken wij o.a. cookies voor onze webstatistieken.

Sluiten