
Daar liep een aardig meisje langs de waterkant!
Schoentjes aan haar voeten, roosjes in haar hand.
Sirosa, violette, violette,violette,
Sirosa, violette, haar eerste cadeau.
‘k Heb scharen te slijpen, dat kun je begrijpen.
En hard dat ik liep!
Een, twee, drie, scharensliep