
Daar liep een aardig meisje,
dat liep haar tuintje rond
en toen zij daar zo bukte
en van de bloempjes plukte,
toen kwam er een boze vlinder
die vloog haar aan haar mond
Het aardig meisje schrikte
en voelde aan haar mond,
waar was het dier gevlogen
zij zocht het met haar ogen
daar ginter bij die bloemen
daar vloog de vlinder rond
Vlindertje, vlindertje kom toch eens hier
‘k wil met je spelen, lief aardig dier
Maar het vlindertje vloog henen
en het was opeens verdwenen
Maar het vlindertje vloog henen
en het was opeens verdwenen