
Hoort eens kind’ren weet je ‘t al?
Jantje heeft een nieuwe bal,
’t is een grote rooie,
oh, het is zo’n mooie.
Ja ’t is heus, je hebt misschien,
nooit zo’n mooie bal gezien.
Oh, wat gaat ie heerlijk hoog,
kijk, daar vliegt hij in een boog,
boven op een vaasje,
Ooo, wat schrikt ons baasje.
Wat een vreselijk ongeluk,
nu is mooie vaasje stuk
Daar komt Jantjes moeder aan;
Foei! Wat heb je nu gedaan?
Buiten op ’t landje
moet je ballen Jantje.
Zul je ’t nooit in huis meer doen?
Nou geef moe dan maar een zoen.