
Ik heb zo lang met de foekepot gelopen
‘k heb geen geld, om brood te kopen
Foekepotterij, foekepotterij
geef mij een oortje, dan ga ik voorbij
Hier woont een rijke man
die zoveel geven kan
Veel zal hij geven
lang zal hij leven
zalig zal hij sterven
de hemel zal hij erven.
Vastenavond is ’t vanavond
klink op de busse
Alle mooie meisjes hebben een man
behalve ik en mijn zusse
Hier een stoel en daar een stoel
op ied’re stoel een kussen
Meisje hou je kinnebak toe
of ‘k sla ‘r een pannenkoek tussen
Foekepotterij, foekepotterij
geef mij een oortje, dan ga ik voorbij
‘k Heb zo lang met den foekepot gelopen
‘k heb geen geld om brood te kopen
Foekepotterij, foekepotterij,
geef mij een oortje, dan ga ik voorbij