
Komt herders van rondomme,
van berg en dal, van overal.
Komt herders van rondomme,
gaat mee naar Bethlehem!
Daar is ’t geen nacht!
Hoort wat U wacht,
‘k zag eng’len met ivoren luit;
komt herders neemt schalmei en fluit.
Daar ligt terneer,
Jezus de Heer.
De Goede Herder wil Hij zijn:
komt dan tot Hem als schaapjes klein!