Dappere Dodo



  Ivanhoe

IvanhoeMore1.jpg (12970 bytes) IvanhoeMore4.jpg (30238 bytes) IvanhoeMore2.jpg (9014 bytes) IvanhoeMore5.jpg (6573 bytes)

Ivanhoe is een schepping van de Schotse schrijver Sir Walter Scott (die leefde van 1771 tot 1832). Hij schreef Ivanhoe in 1820. In 1913 werd de eerste Ivanhoe film gemaakt en in 1952 verscheen er opnieuw een film die in 1953 nog genomineerd werd voor een Oscar.

In Engeland werd er een televisieserie van gemaakt die liep van januari 1958 tot januari 1959. Er werden 39 afleveringen gemaakt van elk 30 minuten. Omdat er nog geen kleurentelevisie was werd de serie Ivanhoe ook in zwart/wit gemaakt. Vanaf 1961 werd de serie door de KRO op de televisie uitgezonden.

Het verhaal ging als volgt:

In het jaar 1066 vond de slag van Hastings plaats. Daarbij werden de Saksen verslagen door de Normandiërs. Vanaf dat moment overheersten de Normandiërs de Saksen. De Normandische Koning Richard I Leeuwenhart was op kruistocht naar Palestina en zijn broer prins John had van de gelegenheid gebruik gemaakt om de macht naar zich toe te trekken.

Op een dag gaan Brian de tempelier, die aan de kant stond van prins John, en zijn twee vrienden op bezoek bij ene Cederic de Saks. Tijdens het diner vertelt de jood Isaac van York verhalen over de heldendaden van ene Ivanhoe die tijdens de kruistocht plaatsvonden. Daarvan is de pleegdochter van Cederic, lady Rowena, erg onder de indruk. Maar Brian de tempelier is niet erg geïmponeerd en zegt dat hij die Ivanhoe wel zal verslaan als hij weer terugkomt.


Ivanhoe2.jpg (11884 bytes)


De volgende dag begint er een meerdaags toernooi, een riddersteekspel, onder de ogen van prins John en zijn volgelingen. Op de eerste dag wint een zogenaamde Onterfde Ridder, die altijd een masker voor heeft, door vier tegenstanders te verslaan, waaronder Brian de tempelier. En zoals dat gebruikelijk was mag hij een Koningin van het Toernooi uitkiezen. Tot groot ongenoegen van prins John kiest hij de Saksische lady Rowena.

Op de tweede dag van het toernooi worden de ridders ingedeeld in twee kampen. De Onterfde Ridder bevindt zich al snel in moeilijkheden en alleen door de moed van de Zwarte Ridder kan hij de strijd voortzetten. De finale is opnieuw een gevecht tussen de Onterfde Ridder en Brian de tempelier. De Onterfde Ridder wint met moeite en als hij bij de huldiging zijn helm afzet blijkt zijn ware identiteit, Ivanhoe.

Het feit dat Ivanhoe terug in het land is zou grote gevolgen kunnen hebben voor de Brian de tempelier omdat die nu in het kasteel woont dat eigendom was van Ivanhoe. Maar ook voor De Bracy omdat prins John wilde dat hij zou trouwen met Lady Rowena.

Na het toernooi wordt het hele gezelschap gevangen gezet door De Bracy en opgesloten in het kasteel van Brian de tempelier. De Bracy probeert om Lady Rowena, die duidelijk onder de indruk is van Ivanhoe, ervan te overtuigen om nu met hem te trouwen. Ze weigert echter.

Robin Hood, de Zwarte Ridder en Broeder Tuck slagen er echter in om de gevangen te bevrijden. Dan blijkt dat de Zwarte Ridder niemand minder is dan koning Arthur. De Bracy wordt vrijgelaten. Die gaat gelijk naar prins John om hem te vertellen dat zijn broer weer in het land is. Prins John doet nog een mislukte poging om zijn broer gevangen te nemen. Als laatste vindt nog eens een gevecht plaats tussen Brian de tempelier en Ivanhoe. Tijdens dat gevecht wordt Brian gedood. En Ivanhoe trouwt met Lady Rowena.

Ivanhoe was het televisie debuut van de toen nog piepjonge Roger More. Naar aanleiding van deze serie kreeg hij een hoofdrol in de serie “Maverick”. Daarna speelde hij hoofdrollen in de series “The Saint” en “The Persuaders” (De Versierders). En tenslotte natuurlijk speelde hij jarenlang James Bond.

Er zaten veel gevaarlijke stunts in de serie Ivanhoe. Acteur Roger Moore deed die stunts allemaal zelf. Het leverde hem gekneusde handen, drie gekneusde ribben en een tijdelijk black out (na een kap met een bijl) op.

Ivanhoe begon altijd met een jongetje dat riep: “Ivanhoe-oe-oe”. En dan volgde het lied van Ivanhoe:

Ivanhoe, Ivanhoe
Onvervaard gaan wij te paard met Ivanhoe
Waar hij gaat of staat
Wij zijn steeds aan zijn zij
Wij zijn paraat
En zingen vrij en blij

Ivanhoe, Ivanhoe
Overal door bos en dal met Ivanhoe
De vrijheid is zijn leuze
Gerechtigheid in ‘t land
Er is voor hem geen keuze
Zijn zwaard ligt in zijn hand
Kom we gaan, allen te saam
Voorwaarts met Ivanhoe
Met Ivanhoe

Kijk hier naar de intro van Ivanhoe

Terug naar nostalgie

 


Onedin Line

OnedinStart.jpg (21018 bytes) OnedinJames.jpg (14734 bytes) OnedinRobert.jpg (16421 bytes) OnedinElizabeth.jpg (19009 bytes) OnedinAnne.jpg (12539 bytes)

(van links naar rechts James, Robert, Anne)

(Klik op de afbeeldingen van deze pagina om ze te vergroten)

De Onedin Line was een serie die eind zeventiger jaren gemaakt was voor de BBC en die in die tijd door de VARA op de Nederlandse televisie vertoond werd. De serie gaat over een familie die actief is in de scheepvaart. Het verhaal speelt voornamelijk in Liverpool in de tweede helft van de negentiende eeuw. De hoofdrol in de serie is voor Peter Gilmore die de rol heeft van James Onedin.

Het verhaal begint in 1860 in Liverpool. Kapitein James Onedin, zijn broer Robert (een rol van Brian Rawlinson) en zijn zuster Elizabeth (Jessica Benton) wonen in een kleine winkel die eigendom is van hun vader. James is een zeekapitein die voor een bedrijf werkt dat voornamelijk wijn verscheept. James is erg ambitieus en wil een eigen rederij beginnen. Broer Robert, die getrouwd is met Sarah (Mary Webster) is een voorzichtig mens en een echte landrot.

James Onedin is pas teruggekeerd van een reis naar Lissabon met een lading die voornamelijk uit wijn bestaat. Hij heeft de laatste 27 dagen op zee doorgebracht en probeert al drie dagen de haven van Liverpool binnen te lopen, maar dat is door het slechte weer niet mogelijk. Als hij uiteindelijk thuiskomt hoort hij dat zijn vader overleden is en dat broer Robert de winkel verlaten heeft. Dat vindt James niet erg want het liefst brengt hij zijn tijd toch op zee door. Maar hij heeft grootse ideeën over de uitbreiding van de winkel. Robert aarzelt echter en lijkt niet erg genegen om enige verandering door te voeren.

Omdat door de drie dagen vertraging een deel van de lading bedorven is ontvangt James niet de extra bonus die hem door de rederij in het vooruitzicht gesteld is. Hij heeft daarover de pest in als hij het kantoor van de maatschappij met zijn verdiende geld op zak verlaat. Maar dan ziet hij in een advertentie dat er een zeilschip geveild gaat worden. Hij gaat naar zijn broer en vraagt hem om financiële hulp om een bod van £ 500 op het schip te kunnen doen. Robert weigert echter om hem te helpen omdat hij het een slecht idee vindt en omdat hij het schip niet zeewaardig vindt.

OnedinCarlotteRhodes.jpg (16658 bytes)  OnedinCR2.jpg (22475 bytes)

James brengt vervolgens de hele dag door op het schip, de Charlotte Rhodes, dat geveild gaat worden. Dan gaat hij naar het huis van kapitein Webster, de eigenaar van het schip, om hem een bod te doen. Hij weet dat kapitein Webster een oude dronkaard is en dat zijn familie in financiële problemen zit. Dochter Anne Webster (Anne Stallybrass) begroet hem aan de deur en gaat haar vader halen. Anne is slimme vrouw en zij heeft de bedoeling om zekerheid voor zichzelf te creëren omdat ze weet dat ze, als haar vader overlijdt, ze helemaal niets en niemand meer zal hebben. Ze zal dan afhankelijk worden van de liefdadigheid van anderen en in het armenhuis terechtkomen omdat haar vader alles verbrast zal hebben. Ze is vastbesloten dat haar dat niet zal overkomen. James biedt maar een klein bedrag voor het schip, maar meer kan hij niet betalen want het is eigenlijk al zijn spaargeld. Kapitein Webster is ontzet over het lage bod. Maar Anne neemt James mee naar een andere kamer om zijn hoogste bod te horen. James denkt dat hij alle kaarten in handen heeft en is stomverbaasd als hij haar tegenbod hoort. Anne wil met hem trouwen omdat dit haar zekerheid voor de toekomst kan geven. James krijgt het schip van de Websters als bruidsschat als hij ermee instemt om met haar te trouwen. En de ambitieuze James stemt er inderdaad mee in. De familie van James is natuurlijk geschokt over deze deal, temeer omdat het gaat om een verstandshuwelijk. Robert staat aanvankelijk vijandig tegenover dit huwelijk maar James krijgt hem om door hem gouden munten te geven en hem een contract voor te leggen waardoor ze partners worden. De hebzucht van Robert wint het van zijn scepsis en hij tekent het contract..

James gaat aan het werk op de Charlotte Rhodes. En al snel is het schip volledig uitgerust en zeilvaardig. James wil proberen om het contract voor het vervoer van wijn vanuit Lissabon naar Liverpool, dat al snel zal aflopen, van zijn vroegere werkgever Callon af te pakken. Callon ziet dat het schip van James gereed gemaakt wordt en hij zendt een spion om uit te vinden wat James aan het doen is. Daardoor hoort hij al snel wat James van plan is en hij maakt een van zijn snelste clippers gereed om af te varen naar Lissabon.

James en Anne trouwen in een klein kerkje en dan gaat James weer naar zee. Anne gaat met hem mee om hem te helpen. Ze ontwerpt de vlag voor de Onedin Line en leert de eerste beginselen van het navigeren.

Als ze onderweg zijn ziet de bemanning van de Charlotte Rhodes al snel een schip achterop komen dat veel groter en sneller is dan de Charlotte Rhodes. Callon bevindt zich op dit schip dat de Charlotte Rhodes al snel passeert. Als ze in Lissabon arriveren is Callon al in gesprek met de wijnproducent Braganza. Callon probeert wanhopig om Braganza een nieuw contract te laten ondertekenen maar deze houdt de boot af. Hoewel James de zeilrace verloren heeft was hij namelijk wel zo slim geweest om enkele weken daarvoor een brief aan Braganza te sturen waarin hij hem verzocht om het contract met Callon niet te tekenen voordat hij de aanbieding van Onedin gezien had. En de aanbieding van James is veel beter, waardoor de Onedin Line het contract krijgt.

Het is het begin van een reeks avonturen waarbij James aan alle kanten bedreigd wordt door de concurrente, opgebouwde schulden en soms lijken zelfs de elementen zich tegen hem te keren. Maar James gebruikt zijn gevoel voor zakendoen, zijn kennis van schepen en de zee en zijn gevoel voor mensen, om zijn zaak draaiende te houden. Toch krijgt de baas van de Onedin Line teleurstellingen te verwerken en mislukken zijn ondernemingen soms. Maar hij wordt in zijn inspanningen om de zaak tot een succes te maken bijgestaan door zijn vrouw Anne. Hoewel zij aanvankelijk weinig weet van de manier waarop het er op zee aan toe gaat ontwikkelt zij zichzelf tot een scherpzinnige zakenvrouw. Hoewel James het niet zou toegeven, is zij de drijvende kracht achter de onderneming. James doet alles met in gedachte hoe zijn vrouw het zou aanpakken.

Het verhaal is een echte familie sage, waarin mensen trouwen, zonen en dochters geboren worden die dan weer opgroeien en naadloos ingepast worden in de verhaallijn. Maar toch draait het verhaal altijd weer om James Onedin. Altijd was je benieuwd waar zijn volgende avontuur hem naartoe zou brengen. En hoe hij dan weer in de problemen kwam en wie de prijs zou moeten betalen voor het feit dat zijn problemen weer werden opgelost. James laat zijn ambitie prevaleren boven het belang van zijn familie en vrienden. Hij is een harde man maar toont soms toch wel medeleven met bepaalde mensen. Eigelijk heeft hij maar een echte vriend, Baines (Howard Lang), de kapitein van de Charlotte Rhodes.

Onedinbaines.jpg (15286 bytes)

Velen zaten in de zeventiger jaren aan de beeldbuis gekluisterd om deze serie te zien. De serie geeft een schitterend (natuurlijk geromantiseerd) beeld van hoe het er in de tweede helft van de negentiende eeuw in Liverpool en in de zeevaart aan toe ging. De begintune was het prachtige aanzwellende adagio van Spartacus van Aram Khachaturian. Terwijl de tune te horen was zag je die prachtige zeilschepen op het scherm. Mensen die de serie gezien hebben en die nu deze muziek horen zullen het nog steeds herkennen als de begintune van de Onedin Line.

Terug naar nostalgie


Pipo de clown

PipoKL2.gif (16284 bytes)  PipoDikkeDeur.jpg (39386 bytes)  PipoWoonwagen.gif (41290 bytes)  PipoKlukkluk.jpg (11245 bytes)  PipoKL1.jpg (11817 bytes)

Druk op de figuren om ze ze vergroten

Dag lieve kijkbuiskinderen. De eerste aflevering van Pipo de clown werd door de VARA uitgezonden op 17 september 1958. Pipo vlucht met zijn gezinnetje uit het circus met de directeur (“Dikke Deur”) achter hen aan. Ze komen in Berezonië en Calypsonië, de prairie en het Wilde Westen. Pipo werd gespeeld door Cor Wischge, Mammaloe door Christel Adelaar, het dochtertje van Pipo en Mammaloe, Petra genaamd door Petra Barnard, de Dikke Deur door Willy Ruysch (de Dikke deur hield er van taartjes en riep steeds “Pipo, koeien”) en de Indiaan Klukkluk door Herbert Joeks. En verder was er nog het ezeltje Nononono dat hun woonwagen trok. De serie werd geschreven door Wim Meuldijk. De intro was, dat Pipo een ballon opblies, die langzaam maar zeker het hele beeld opvulde en dan klapte.

Hoewel normaal gesproken de afleveringen van televisieseries tot dan toe slechts één keer in de maand waren te zien, brak de VARA daarmee door PIPO elke 14 dagen uit te zenden.

Tot 14 februari 1962 werden er 57 afleveringen uitgezonden. Toen volgde een onderbreking tot 30 oktober 1963. In die tijd had de schrijver Meuldijk gewerkt aan een andere serie, namelijk Mik en Mak. Vanaf 30 oktober 1963 tot  20 juni 1964 volgden er nog 16 afleveringen, waarbij de laatste van de reeks de titel had “Pipo en de druppels” in het kader van de actie” Wees zuinig met drinkwater”.

De korte serie met vijf minuten aflevering begon op 1 oktober 1966 en liep (met een korte onderbreking in de zomer van 1967) bijna dagelijks tot 26 mei 1968.

Van 29 maart 1971 tot 23 juni 1971 volgt er weer een reeks van 14 afleveringen onder de titel “Pipo op bizarra”. Maar de rol van Mammaloe, die op dat moment gespeeld werd door  Marijke Bakker, was ineens overgenomen door Janine van Wely. Nog vreemder was het feit dat Pipo niet meer gespeeld werd door Cor Wischge  maar door Cees van Oyen. Het was, sapperdeflap, immers Cor Wischge die de figuur Pipo had gemaakt tot de populaire figuur die hij toen was. De reden dat hij niet mee mocht doen was het gevolg van het feit dat Cor Witschge en Marijke Bakker een zaak hadden aangespannen tegen Meuldijk, de VARA en Cinecentrum. Zij meenden het portretrecht te hebben van de foto’s waarop ze als figuren uit de serie stonden afgebeeld. Deze zaak verloren zij overigens maar het was de reden dat ze de figuren van Pipo en Mammaloe niet meer mochten spelen. Het publiek accepteerde de nieuwe Pipo en Mammaloe echter niet. In de daarop volgende serie, die startte op 1 januari 1974 werd Cor Witschge weer in ere hersteld. In het verhaal “Pipo in Marobia” deed ook Marijke Bakker weer mee als Mamaloe. Janine van Wely, die Mamaloe speelde in “Pipo op Bizarra” mocht ook weer meedoen, maar werd zij speelde nu Pom, het zusje van Pipo.
Voorafgaand aan de serie waren twee specials te zien. Op woensdag 21 november 1973 werd een voorproefje gegeven op de nieuwe serie en op woensdag 19-december was er “een blik in het verleden en een kijkje in de toekomst” van Pipo de Clown te zien.

Het werd een reeks van 39 afleveringen die eindigde op 19 april 1980. “Pipo in West Best” was het laatste Pipo verhaal.

De tune van Pipo kent u vast nog wel:

 Daar komt een ezelwagen, ver over berg en dal

Je hoeft toch niet te vragen, wie daarin zitten zal

Een clowntje met een ruitjesjas, een vrouw met duizend krullen

Hun namen zijn je weet het vast, wat wij nu zingen zullen

 

 Refrein:

Pipo de clown en Mamaloe

Reizen recht door zon en regen

Langs de wijde wereldwegen

Pipo de clown en Mamaloe

Maken van hun leven een heerlijk ratjetoe

 

Ik ben een circus-clowntje, ik sta graag op mijn kop

Ik ben zijn circus-vrouwtje, toe Pipo sta rechtop

Wij rijden fijn door bos en hei met ons gezellig koetsje

En bakken voor onszelf een ei, voor anderen een poetsje

 

En ‘s avonds op een pleintje, stroomt toe, het geacht publiek

Ik tover een konijntje, maak op een zaag muziek

Dan eet ik zeep met malle mond, mijn oren blazen bellen

Ik duikel kopje op de grond, ik moet zijn broek verstellen

 

Voor clowntjes is de aardbol een grote toverbal

Een felgekleurde draaitol met grapjes overal

En maak ik mij soms toch eens kwaad op rovers of op vrekken

Dan klinkt altijd die wijze raad: kom Pipo, wij vertrekken

Voordat de tune weer klinkt wordt door Pipo iedere aflevering afgesloten met de woorden: “‘Dag vogels, dag bloemen, dag kinderen…”.

Hoewel Pipo natuurlijk de hoofdrol speelde was de figuur van Klukkluk, niet in het minst door de manier waarop Herbert Joeks de rol vervulde, een zeer geliefd persoon uit de serie. Hij kwam in het verhaal van Pipo terecht, omdat hij “een omtrekkende beweging had gemaakt en de bocht iets te ruim had genomen”. Hij was een angstige Indiaan uit het “tamelijk Wilde Westen” die altijd misschoot. Herbert Joeks gaf de Indiaan zijn eigen taaltje. Zo zei hij bijvoorbeeld “Klap toe de malle mond” of ” Ach meneertje mij zijn van de zere, hihihihihihih” of “Mij zijn niet van de bange, mij zijn alleen van de voorzichtige”. Tot ongenoegen van onderwijzend Nederland werden de uitdrukkingen door de jeugd overgenomen. Zijn publiek leefde zo mee dat, toen hij eens tijdens een aflevering de ene veer die hij in zijn haarband droeg verloor, hem uit alle delen van het land wel vijfhonderd nieuwe werden toegestuurd, van kleine kippen- en kanarieveertjes tot de fraaie pluimen van pauwen en papegaaien. De verhouding tussen de tekstschrijver Meulendijk en de acteur van Klukkluk, Herbert Joeks, was overigens zeer moeizaam omdat ze elkaar de belangrijkheid van het succes van Klukkluk betwistten. Daarom schreef Meulendijk de figuur Klukkluk soms uit de serie. Maar toch zou Herbert Joeks meer dan 20 jaar, tot in 1980, zijn rol als Indiaan Klukkluk vervullen.

In de loop van de serie werden er ook een aantal andere figuren aan toegevoegd. Vanaf oktober 1959 waren dat Felicio, de sterke maar domme en goedaardige zigeuner, (gespeeld door Jan Pruis) en de merkwaardige Hiep (gespeeld door Wim Poncia). Verder werden vanaf oktober 1963 er nog de boeven Snuf (gespeeld door Rudi Falkenhage) en Snuitje (gespeeld door Will Spoor) aan toegevoegd.

Herbert Joeks (geboren op 26 november 1915 als Herman Jozef van Hugten) kreeg het in de loop der tijd steeds moeilijker met de figuur Klukkluk. Gaandeweg gebeurde namelijk waar hij steeds bang voor geweest was. Hij werd door het publiek vereenzelvigd met de figuur Klukkluk en kon daardoor eigenlijk geen andere rol meer spelen. Op straat werd hij in het door hem zelf verzonnen taaltje nageroepen. Helaas was hij daardoor voor zijn inkomsten dus overgeleverd aan zijn alter ego Klukkluk. Omdat hij aan het televisiewerk niet genoeg verdiende trad hij vanaf 1974 op met het revuegezelschap van Koos van der Velde. Bij de middagvoorstellingen voor kinderen trad hij dan op als Klukkluk, die de verschillende programmaonderdelen aan elkaar praatte en ‘s avonds in de voorstellingen voor volwassenen speelde hij mee in sketches. Soms trad hij ook op met Weense liedjes. Herbert Joeks overleed op 28 juli 1993.

PipoWitschge.jpg (13860 bytes) klik op de figuur om te vergroten

Voor Cor Witschge (geboren op 5 augustus 1925) was het wat gemakkelijker. Als zijn schmink af was herkende niemand hem en al zeker niet op straat.

Hij had net een rol gespeeld in het door Willy van Hemert geregisseerde televisiespel “De sleutel” toen in 1958 de proefopnames begonnen voor Pipo de clown. Daarom had Van Hemert hem aanbevolen als de juiste acteur voor de rol van Pipo.  Hij werd aangenomen en hij zou, met een korte onderbreking, de rol tot aan de laatste aflevering van Pipo spelen. Daarnaast trad hij nog op in “Omzien in wrok”, “Het Schaep met de vijf poten”, en “Citroentje” (met suiker).

Hij speelde nog drie jaar bij de Nederlandse Comedie, maar dat was niet vol te houden met zoveel werk als acteur van Pipo.

In 1979 werd de serie door de VARA van de buis gehaald. Er werd veel op locatie in het buitenland (Spanje) gefilmd en dat vond men te duur worden.

Dus moest Cor Witschge op zoek naar nieuwe rollen. En dat lukte. Hij speelde onder andere de rol van boze buurman in “Goede Tijden, Slechte Tijden” en in de serie “Centraal Station”speelde hij de rol van inspecteur.

Begin maart 1991 moest hij naar Terschelling voor de opnames van de film  “Meeuw”, naar de novelle van Bernlef. Hij zou daarin opnieuw de rol spelen van een politie-inspecteur. Op 13 maart ging hij wandelen met zijn hondje en kreeg tijdens de wandeling een hartaanval waaraan hij overleed. De man die zelf geen kinderen had maar zoveel kinderen vermaakt had stierf dus een eenzame dood.

Kijk hier naar een clip van Pipo

De Telegraaf 27 december 2007

Schrijver Pipo de Clown overleden

Wim Meuldijk, geestelijk vader van Pipo de Clown, is in de nacht van woensdag op donderdag overleden in zijn huis in Vera in Spanje. Meuldijk is 85 jaar oud geworden. Dat heeft de woordvoerder van zijn rechtenstichting donderdag laten weten.

Wim Meuldijk werd in Schiedam geboren en schreef in 1958 de eerste afleveringen van de televisieserie Pipo de Clown. Er zouden 700 afleveringen in totaal worden gemaakt, aanvankelijk met Cor Witschge in de hoofdrol.

Generaties groeiden op met Pipo’s uitdrukkingen als Sapperdeflap en Dag vogels, dag bloemen, dag kinderen.

De succesvolle serie is 22 jaar lang op televisie te zien geweest. Meuldijk schreef Pipo niet alleen voor de televisie, want de avonturen verschenen ook als boek.

Naast Pipo schreef hij vanaf 1962 ook de kinderserie Mik en Mak.

Terug naar nostalgie


Swiebertje

Swiebertje1.jpg (10702 bytes) Swiebertje2.jpg (8411 bytes) (Klik op de figuren om ze te vergroten)

Niet veel mensen weten het nog, maar Swiebertje begon niet als serie maar als toneelstuk voor televisie. Op 20 april 1955 zond de NCRV het eerste deel uit “Swiebertje als burgemeester”. Het verhaal, dat een half uur duurde,  ging over Swiebertje, die burgemeester werd en die daarna ging zwerven. In het stuk speelde ook een circusdirecteur een rol. Die leek erg op de Dikke Deur van Pipo de clown. Natuurlijk was de uitzending live en in zwart/wit. De geestelijk vader van Swiebertje was John H. Uit de Bogaard. Hij kwam tot de figuur Swiebertje naar aanleiding van een illustratie van een zwerver, gemaakt door Tjeerd Bottema. In 1936 schreef hij zijn eerste boek, dat uitgegeven werd bij de gebroeders Kluitman, die al eerder kinderboeken van hem hadden uitgebracht. Voor de oorlog verschenen vier avonturen in boekvorm.

Op 2 november 1955 volgde een tweede aflevering: “Swiebertje als woonwagenklant”

De rol van Swiebertje werd ook toen al gespeeld door Joop Doderer en de rol van Bromsnor, de veldwachter, door Tony Foletta.

En toen hield het op. Pas op 3 mei 1961 pakte men de draad weer op. De eerdere toneelstukken werden nog eens herhaald, maar met een iets andere enscenering en een andere rolbezetting. In de aflevering “Swiebertje als burgemeester” was rol van Swiebertje weer voor Joop Doderer, Lou Geels speelde nu de rol van Bromsnor. De rol van Saar, de huishoudster van de burgemeester, werd gespeeld door Conny Stuart (met wie Joop Doderer in 1957 getrouwd was). De tweede aflevering “Swiebertje als woonwagenklant” werd uitgezonden op 31 mei 1961. Nu was de rol van Saar voor Annie Leenders  en de burgemeester werd gespeeld door Jan Blaaser.

Pas op 18 oktober 1961 begon de echte serie met de aflevering “Gefeliciteerd Saartje”.

De opnames vonden plaats in een kerkje. In een oppervlak van nog geen zeven vierkante meter werd het decor geplaatst. De muren waren van bordkarton. Er was één camera en overal lagen er snoeren. Zo ging men live de lucht in. Geen opnames dus en dus ook niet de mogelijkheid om, als er iets mis ging, dit nog eens over te doen. Joop Doderer week nogal eens van zijn tekst af, waardoor zijn tegenspeler of tegenspeelster volkomen in de war raakte. Soms maakte hij tussendoor een geïmproviseerde grap en dan hoorde je de mensen in de studio lachen.

De eerste van de serie van vier afleveringen eindigde 7 februari 1962 met de aflevering: “Eind goed, al goed”.

Bij de tweede serie die op 3 november 1962 van start ging (Freule Nicolien genaamd) was de rol van burgemeester overgenomen door Rien van Nunen. De rol van Freule Nicolien werd gespeeld door Kitty Janssen.

En zo ging het een aantal jaren door. In 1968 werd een nieuw personage aan de serie toegevoegd: Malle Pietje. Dit was een rol die gespeeld werd door Piet Ekel. Malle Pietje had het meest rommelige rommelwinkeltje van Nederland. Hij had echt van alles. Als hij iets moest zoeken ging dat met zeer veel lawaai gepaard, waarna hij de meest wonderlijke voorwerpen tevoorschijn haalde. Natuurlijk werd deze koopman een goede vriend van Swiebertje. Hij had ook een eigen taaltje: “Nou gane we effe een koppie koffie drinken” of “Mot je een sigaartje?”.

De rolbezetting van burgemeester en Saartje is een aantal malen aangepast. De rol van burgemeester werd gespeeld door: Guus Hermus, Jan Blaaser, Rien van Nunen, Louis Borel en Bert Dijkstra. De hele reeks Saartjes bestaat uit achterenvolgens:  Coba Kelling, Conny Stuart, Annie Leenders, Jetty Cantor en Riek Schagen.

Niettemin bleef de serie de sfeer houden van gezellig met veel “koekjens”, rommelig en veel kattenkwaad van Swiebertje die het daardoor vaak aan de stok had met Bromsnor, waarna Saartje het dan weer goed probeerde te praten.

De serie was zo populair dat de NCRV besloot om de serie van de middag naar de avond te verplaatsen, zodat ook volwassenen mee konden kijken.

De laatste uitzending was op 25 april 1975, getiteld “Vaarwel Swiebertje”. Swiebertje vertrok toen naar Canada.

De serie Swiebertjes is één van de meest bekeken series van de Nederlandse televisie geweest.

 Herinnert u zich de herkenningsmelodie nog: 

Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn ingedeukte hoed
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

Hij leidt een vrolijk leven
Hij luistert nooit naar raad
Om zijn brutale grappen
Maakt Bromsnor zich vaak kwaad

Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn ingedeukte hoed
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

 Ik hou van lekker eten
Dus ga ik vaak naar Saar
Kom ik daar op visite
Nou dan staat de taart al klaar

Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn ingedeukte hoed
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

 Ik hou van lekker slapen
Liefst in een berg hooi
Daar lig je lekker warm in
Daar droom ik lekker mooi

 Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn ingedeukte hoed
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

Ik hou veel van m’n vrijheid
Die raak ik nooit meer kwijt
Maar één man die bedreigt me
‘t Is Bromsnor zo gezeid

 Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn ingedeukte hoed
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

Hij leidt een vrolijk leven
Hij luistert nooit naar raad
Om zijn brutale grappen
Maakt Bromsnor zich vaak kwaad

Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber met zijn uitgestreken snoet
Daar komt Swiebertje
Rare Swiebertje
Onze Swieber die steeds malle dingen doet

Kijk hier naar de intro van Swiebertje

In 1998 speelde Joop Doderer voor de laatste keer de rol van Swiebertje voor een reclame campagne voor “Echte boter”, samen met Riek Schagen (Saartje). De foto opnames werden gemaakt in het TV Toys Museum in Dieren, waar de keuken van Saartje is nagebouwd. De advertenties van echte boter (“Met Echte Boter krijg je ze weer aan tafel”) stonden in diverse tijdschriften en hingen twee weken in de bushokjes in heel Nederland.

Terug naar nostalgie


Top of flop

Stok1.jpg (27982 bytes) (Klik op de figuur om te vergroten)

Het was begin zestiger jaren en er werd steeds meer aandacht aan de jeugd gegeven. Muziekprogramma’s voor de jeugd waren er wel op de radio, waar Jos Brink voor de AVRO zijn programma “Tussen 10+ en 20-” presenteerde. Hij nam altijd afscheid met de woorden “Tot dan dan, toi toi”. En Herman Stok had het programma “Tijd voor teenagers”. In 1961 verscheen Herman Stok ook op de televisie met het programma “Top of flop”. Het programma zou vier jaar bestaan. Eigenlijk was het meer een radioprogramma waarnaar je keek. De presentator Stok had zich omringd met vier juryleden en rookte er als een ketter op los. Kom daar nu nog maar eens mee op televisie !! Deze vierkoppige jury bestond uit min of meer bekende Nederlanders. Herman Stok startte een jukebox om een plaatje te laten horen. Videoclips bestonden toen nog niet. Soms liet men zelfs geen foto van de betreffende artiest zien. Het was de bedoeling dat de jury, aan de hand van een deel van het liedje dat te gehore gebracht werd, een oordeel zou geven of het betreffende liedje een hit (top) zou worden of niet (flop). Het programma werd gemaakt op locatie. Als het programma in een plaats kwam, ging de jeugd eerst netjes naar de kapper (je kwam toch op de televisie) om het programma als publiek te kunnen bijwonen. Verlegen deinden ze, voorzien van ziekenfondsbrilletje en badmutskapsels, mee met de muziek. Als je geluk had kwam je close-up in beeld.

Het was overigens wel een van de eerste programma’s waarin beatmuziek te horen was. En het oordeel van de wat tuttige jury was er dan ook naar. Zo was er eens de acteur Henk van Ulsen die een nieuwe plaat van de Beatles als “teveel geschreeuw” betitelde en het een flop vond. Natuurlijk werd het een grote hit. Als de meerderheid van de jury het een flop vond maakte Herman Stok dat duidelijk door een toeter te laten horen. Als het een top was klingelde hij met een belletje. Sommige juryleden waren scherp in hun oordeel en anderen waren milder. Maar of de meerderheid van de jury van het programma het nou een top of een flop vond maakte niet veel uit of het liedje een hit werd of niet. Het programma was zo populair dat er zelfs speldjes (de grote rage van toen) voor uitgegeven werden.

TopofflopSpeld.jpg (6422 bytes) (Klik op de figuur om te vergroten)  

Terug naar nostalgie


Voor de vuist weg

Vuist1.jpg (14603 bytes)  Vuist2.jpg (12345 bytes) (Klik op de figuren om ze te vergroten)

In 1959 debuteerde Willem Duys, of Willem O’ Duys zoals hij zich liet noemen, op de Nederlandse televisie. Hij presenteerde voor de AVRO een show die draaide om de Amerikaanse zanger Johnnie Ray, “Inleiding tot Johnnie Ray”. Hij was toen nog in dienst van de platenmaatschappij Phonogram. In 1960 was hij nog een aantal maal te zien in het programma “Flits”. In dat laatste programma interviewde hij zijn eigen hamster.

Op 1 november 1963 maakte Willem O’ Duys zijn eerste “Voor de vuist weg”. Het was een programma dat was gebaseerd op de Amerikaanse Johnny Carsonshow. Het idee was om nieuwe muziekacts voor te stellen aan het grote publiek, maar Willem maakte er meer een ratjetoe van.

Om een wat huiskamerachtige sfeer te creëren werden de interviews aan een tafel gehouden, waarbij de gast of gasten aan dezelfde tafel zaten als Duys. Om de sfeer wat gezelliger te maken stond op de tafel een kom met een goudvis erin. Dat werd dan ook het handelsmerk van de show.

In de eerste show was er onder andere een “griezelig” optreden van de groep ZZ & De Maskers met het nummer “Dracula”.

In totaal werden er tot aan het seizoen 1979-1980, 176 afleveringen gemaakt. En in 1987 volgden er vanuit Hotel Oranje in Noordwijk nog eens vier uitzendingen.

Aan tafel ontving Willem bijzondere mensen, vreemde vogels, leuke meiden, beginnende en grote artiesten.

Misschien herinnert u zich nog wel een aantal van die mensen. Zo was er eens een meneer die van luciferhoutjes een replica gebouwd had van het kasteel Drakenstyn. Ook was er eens een mevrouw die achterstevoren kon praten. En verder sprak hij met de dikste man van Nederland en de grootste man van Europa.

Ook dieren speelden een rol in de show. Wekelijks nam de directrice van het Noorderdierenpark in Emmen een beest mee naar de studio. Tijdens het gesprek met de directrice over het betreffende dier liepen de dieren dan rond, nam Willem ze op schoot, of interviewde ze. Honden, muizen, slangen, zelfs een tijger en olifanten. Of het nu in de studio was of op een buitenlocatie, niets was te dol. Bang voor dieren was Willem niet. Maar toen ze eens een krokodil meenam die bovendien begon rond te lopen zag hij het niet meer zitten en klom hij op een stoel.

Maar ook grote namen kwamen in zijn show. Tommy Cooper, Leo Fuld, Danny Kay, Melanie, Mantovani, Robert Stolz, Toots Tielemans, Anita Kerr, zelfs Prinses Margriet wist hij te strikken.

Nieuw talent kwam eveneens aan bod. Dat was immers de oorspronkelijke opzet van het programma. Zo introduceerde Duys in 1963 een in Nederland geboren Amerikaan die al op jeugdige leeftijd met zijn ouders naar de Verenigde Staten vertrokken was, ene Ronnie Tober. Willem had hem ontdekt in de Verenigde Staten, liet hem optreden in “Voor de vuist weg” en zorgde ervoor dat hij een platencontract kreeg bij Phonogram. Ondanks zijn Amerikaanse accent scoorde hij Nederlandstalige hits met onder andere: “Iedere avond”, “Rozen voor Sandra” en “Verboden vruchten”.

In februari 1966 trad een zanger op, Sjakie Schram genaamd. Hij had een plaatje gemaakt “Glaasje op laat je rijden”. Het werd een grote hit.

In 1975 zingt Lee Towers zijn eerste hitsingle “It’s Raining In My Heart” in het programma. Daarmee bewerkstelligde Duys de doorbraak van Lee Towers, voor wie hij de mythe van de “zingende kraanmachinist” bedacht.

En wie herinnert zich niet meer het optreden van Adamo. Die trad op met heel zijn familie met het liedje “Vous permettez monsieur” en stal daarmee de harten van iedereen. Kijk hier naar dit legendarische optreden.

Spraakmakend was het programma ook. In maart 1965 kreeg Willem Duys in “Voor de vuist weg” bezoek van de Amsterdamse student Bart Huges die beweerde tot een hogere staat van bewustzijn te kunnen komen door een gaatje in zijn voorhoofd te boren.

In de jaren zestig woonde er in Casteren (NB) een zekere Willem van Moosdijk. Deze had een handel in geneeskrachtige kruiden die hij tot ver over de landsgrenzen verkocht. Hij was schatrijk, leefde er ook goed van en als een moderne Robin Hood liet hij boodschappen bezorgen bij arme gezinnen in het dorp. In 1968 had hij een omzet van 110.000 gulden per week. Maar op vrijdag 13 december 1968 werd hij door Duys in “Voor de vuist weg” ontmaskerd als oplichter. Willem typeerde de kruiden die hij verkocht als “soepgroente” en het was afgelopen met deze “kruidendokter”.

In 1971 had Duys een gesprek met een moeder waarvan het dochtertje van vier jaar was aangerand. De ouders hadden de dader, die doodleuk met het meisje aan de hand kwam aanlopen, overgeleverd aan de politie. En Duys zei dat als hij iemand op aanranding van zijn dochter zou betrappen hij de dader zou hebben doodgeslagen. “En als hij uit de gevangenis kwam had ik hem nog doodgeslagen”, zei hij. Hem werd verweten dat hij aanzette tot opruiing en uitlokking tot doodslag.

En bijzonder controversieel was ook het spontane aanheffen van het “Wilhelmus” aan het einde van de uitzending als eerbetoon aan koningin Juliana (in verband met de Lockheed affaire?).

Willem O’Duys praatte het hele programma aan elkaar. Maar vaak was hij zo breedsprakig dat het programma flink uitliep. Dat gebeurde overigens wel meer in die tijd, ook met andere programma’s.

Willem Ruis was te gast in de allerlaatste uitzending van “Voor de Vuist weg”. Hij zong in een soort brabbeltaal die Duitsachtig klonk liedje, daarbij begeleid door Duys achter de piano.

De manier waarop “Voor de vuist weg” gemaakt werd zou nu niet meer kunnen. Het hele programma was vrijwel geïmproviseerd en werd dan ook nog eens live uitgezonden. Nu staat de hele tekst vast en is dit type talkshow opgenomen, zodat de fouten of foutjes eruit geknipt kunnen worden. Maar het spontane, inclusief missers, van “Voor de vuist weg” is daarmee wel verdwenen. 

Kijk hier naar Voor De Vuist Weg met Willeke Alberti

Terug naar nostalgie

X

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat u onze website zo goed mogelijk beleeft. Als u deze website blijft gebruiken gaan we ervan uit dat u dat goed vindt. Meer informatie

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker beter werkt. Daarnaast gebruiken wij o.a. cookies voor onze webstatistieken.

Sluiten