Home / Verhalen / Blaadjes uit een levensboek – 7 Straatmuzikanten

Blaadjes uit een levensboek – 7 Straatmuzikanten

Met dank aan Kees van Baardewijk voor het insturen van de tekst

Even later stond mijn moeder mee te zingen met het draaiorgel bij de brug. “Heb je ook m’n kleine Ko gezien?”

Een eindje verderop leek het ineens of we in het bos waren. Een man verkocht fluitjes waarmee je vogelgeluiden kon nadoen. Je plakte zo’n ding aan je verhemelte, je blies en ja hoor. Ik had nog vijf opgespaarde centen en mocht er een kopen. “Hoor ‘es, ik kan het ook”, zei ik triomfantelijk. ,,Of je een kanariefantje hoort”, zei m’ n vader.

We konden haast niet weg komen van die schreeuwers, maar m’n moeder trok me mee. Al een paar keer had ze haar hand tegen haar rug gehouden en gezucht. Ze had pijn dat kon je wel merken en ze hield het niet zo lang meer vol. Gisteren had ze verteld dat er een kindje zou komen. ’t Zou wel een dik kind worden, zo te zien.
Jannie was in geen velden of wegen meer te bekennen.

viool straatmuzikant

In de Jonker Fransstraat bleven we weer achter. Blinde Piet speelde. Er werd gezegd dat hij de beste van heel Rotterdam was op de accordeon. Er stonden altijd veel mensen om hem heen en bijna iedereen deed wel wat in het centenbakje van Piet z’n oude vader. Mijn vader vertelde dat zo’ n man met een centenbak “manser” heette. Vaak hadden mensen tranen in hun ogen. “Piet huilt van binnen” zei m’ n vader een keer.

Je zag veel muzikanten op straat, met een fluit of een accordeon. Met een viool of zingende zaag. Mijn vader was stukadoor. Maar misschien was hij nog liever straatmuzikant geweest. Lekker vrij zonder een baas, die je op de lip zit. Altijd buiten met een draaiorgel of zingende zaag. Soms wás hij draaiorgelman. In de kamer. Dan zette hij een oude pet schuin op zijn hoofd, stak z’n linkerhand in z’n broekzak en draaide met de andere aan het grote wiel. Af en toe wisselde hij. Ineens liet hij soms het wiel los en liep zogenaamd een stoep op en ving handig een geldstuk. Soms zong hij mee “Sarie Marijs” of zo. M’n moeder lag dan onderuit gezakt van het lachen op een stoel.

Ze gingen verder. Om half elf zou ome Daan op de stoep staan.



Dit is deel 7 uit de reeks verhalen van dhr. Kees van Baardewijk genaamd: Blaadjes uit een levensboek.

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat u onze website zo goed mogelijk beleeft. Als u deze website blijft gebruiken gaan we ervan uit dat u dat goed vindt. Meer informatie

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker beter werkt. Daarnaast gebruiken wij o.a. cookies voor onze webstatistieken.

Sluiten