
In grootvaders tuin staat een dikke pompoen,
zoo groot wel als een klein kindje!
De tuinman heeft hem mij laten zien,
want ik ben de tuinman z’n vrindje.
Verbeeld je eens dat in de appelboom
pompoenen groeiden in ’t topje,
en dat er dan een naar beneden viel
net boven op mijn kleine kopje!
Schrijver: Rie Cramer (1887 - 1977)
Uit: Zomer (W. de Haan - Utrecht), de vier jaargetijden.