
Ik ben niet ziek en niet gezond, wat of ik mankeer, ik weet het niet ik heb geen kwaal, ik heb geen wond, en toch doet het mij zeer! Zeg dokter, wat scheelt me? Zie, alles verveelt me! Maar ach ik verbeeldt me : geen mens die het ziet! maar de dokter schrok van het bericht, en gauw was hij klaar, en zei toen met een wijs gezicht: Het is zonder gevaar! Hij zag meteen, hoe het met me stond: Twee wangen sprak hij, rood en gezond, geen hongerige kaken, geen nachtelijk waken, en het eten blijft smaken; perfect gezond. Maar lieve kind, ge hebt, geloof ik, u zelf al verklapt: ge zijt met uw verkeerde been het bed uit gestapt!