
De dokter:
Dag mevrouwtje, doet uw maagje
Altijd nog een beetje zeer?
Mevrouw:
Och, wat zal ‘k u zeggen, dokter:
Soms wat minder, soms wat meer.
De dokter:
Weet u, wat u eens moest nemen?
Ieder uur een groot stuk taart
En ’t zal goed zijn, als u telkens
Ook een stuk voor mij bewaart.