
Knagelijntje was een muisje,
Altijd even vlug en blij,
‘ t Woonde met zijn oude moeder
In een huisje op de hei.
Zekere dag zei moeder ik moet even buiten gaan
…. Maar gij moogt niet hene lopen,
Ook niet aan uw deurke staan.
Maar nauwelijks was moeder weggeslopen,
Of Knagelijntje voelde zich vrij,
’t Kwam uit ’t kleine hol gekropen …
Sprong en huppelde vrij.
Maar opeens kwam er daar een dikke kater
Uit de brede diepe sloot
En hij klauwde met zijn scherpe nagels
Knagelijntje…dood…..
Kinderen zult gehoorzaam wezen,
Luister steeds naar goede raad …
Het zal je nooit beklagen,
Hetzij vroeg of laat.