
Soms zou ik een vogel willen zijn
hoog in de lucht
ik zou zingen voor iedereen
voor de grote mensen,
voor de kleine mensen,
voor de bloemen, voor de dieren.
Soms zou ik een bloem willen zijn
en met mijn schoonheid zou ik
ouden en zieken kunnen blijmaken
ik zou geplukt worden in de wei
en water krijgen van de tuinman.
Maar ik ben een mens!
Ik heb zoveel gekregen:
een gezicht voor de anderen
handen om te geven
voeten om te gaan naar mensen
die me nodig hebben,
een stem om te zingen,
te bidden en te danken.
Dank U, God!
Bedankt!
Ik ben een mens!