12. Wetenschap en techniek – jaren 80



Snufjes uit de jaren 80 – zie hieronder

Het computertijdperk – zie hieronder

Ruimtevaart – zie hieronder

Mobiele telefonie – zie hieronder

Medische wetenschap – zie hieronder

Genetische modificatie – zie hieronder

Snufjes uit de jaren 80

Al met al was er op technisch gebied veel te beleven in de jaren tachtig, dat kunt u in dit hoofdstuk lezen. Het was spannend en leuk. De beelden van de ramp met de Challenger schokten ons en we leefden mee met de nabestaande van de bemanning. Soms gaan dromen letterlijk in rook op maar gelukkig komen er weer nieuwe dromen. De mens is van nature een onderzoeker en ontdekker en dat geeft de mensheid steeds weer hoop.

Faxmachine
De faxmachine is algemeen in gebruik als mogelijkheid om informatie te versturen per telefoon. Zowel tekst als beeld kan op deze manier snel gedeeld worden. De post is veel langzamer, waardoor de fax terrein wint. Voor de telex is een apart communicatienetwerk nodig en kan alleen tekst aan. De fax krijgt een legale status en belangrijke officiële documenten zijn rechtsgeldig als ze per fax verstuurd worden.

Magnetron
De techniek voor de magnetron werd in 1945 (per ongeluk) ontdekt door Percy Spencer. Een apparaat van 2×2 meter en 300 kilo, was alleen niet zo praktisch. De introductie van de magnetron, zoals we die nu kennen, in huishoudens duurde nog even. Eerst worden ze in 1962 verbeterd en veel goedkoper en in 1979 zorgen verbeteringen voor minder energieverbruik. In 1974 komt Philips met de eerste magnetron voor consumenten. Daardoor worden magnetrons in Nederland voor steeds meer mensen interessant en betaalbaar.

Kabeltelevisie
Nederland gaat over op kabeltelevisie, eerst lokaal en vervolgens landelijk. Buitenlandse zenders komen in de huiskamers.

TGV
In september 1981 gaat de eerste TGV-hogesnelheidstrein rijden tussen Parijs en Lyon. Frankrijk wil een netwerk van dergelijke lijnen aanleggen. Samen met het Verenigd Koninkrijk begint het in 1986 met het graven van de kanaaltunnel.

CD
In 1982 wordt de compact disc (cd) geïntroduceerd. De cd is ontwikkeld door Philips en Sony. Van het schijfje wordt digitale informatie, zoals muziek, gelezen door een laserstraal. De cd verovert snel de muziekmarkt en de cd’tjes vliegen de winkel uit.

Videorecorder
De videorecorder wordt populair. In alle steden verschijnen videotheken in het straatbeeld. De videobanden zijn niet aan te slepen en heel Nederland neemt films en programma’s op. Dat is een groot voordeel: men kan kijken wanneer men wil! Als u een programma op televisie dreigde te missen was er niks aan de hand: videoband erin, tijd en zender instellen, opnemen en later alsnog terugkijken.

Ghettoblaster
De boombox of ghettoblaster is een grote tot zeer grote draagbare radiocassetterecorder, met twee flinke luidsprekers van een flink vermogen die veel geluid konden produceren. Het was typisch een product uit eind jaren zeventig tot midden jaren tachtig. Naast op netvoeding was het apparaat ook met een flink aantal batterijen te gebruiken buitenshuis. De bijnaam gettoblaster of boombox kreeg het apparaat, omdat bepaalde muziekliefhebbers anderen in het openbaar lieten meegenieten van hun muzikale voorkeur, meestal disco of vroege dance. Vanaf midden jaren tachtig verdween het langzaam uit het straatbeeld en kreeg de radiocassetterecorder, vaak met ingebouwde cd-speler, weer normale afmetingen.

Geldautomaat
De geldautomaat krijgt al gauw de bijnaam ‘flappentap’ en wordt snel populair bij het publiek. Nooit meer, in de vaak lange rij binnen de bank, wachten tot je geholpen wordt. In 1982 werd de eerste geldautomaat bij een bank in gebruik genomen. Tegen het einde van de jaren 80 konden alle klanten gebruikmaken van geldautomaten van hun eigen bank en andere banken, maar nog niet van de giromaat van Postbank.


1982, op de beurs Firato zijn technische snufjes te ontdekken.


Siemens toestel voor tv, Teletekst, Viditel en (beeld)telefonie, midden jaren ’80 uitgelegd door Ghriet Titulaar.

Het computertijdperk

De IC-techniek verbeteren en daardoor worden steeds goedkopere computers gemaakt. Daardoor zijn computers ook voor thuisgebruik interessant. Dit vormt het begin van de homecomputer. Populair worden de Amiga, Atari ST en Commodore 64 computers. Ook komt de Apple Macintosh en vooral de IBM Personal computer, die draait onder MS-DOS, zijn serieuze thuisgebruikcomputers. Grotere bedrijven en overheidsinstellingen starten met het gebruiken van intranet: intern verbonden netwerken, meestal bestaande uit een centrale server met verspreid staande terminals.

pc computer

De meeste computers hadden 64 KB geheugen waarvan na aftrek van het ingebouwde ‘besturingssysteem’ plus programmeertaal -Basic gewoonlijk- 48 KB overbleef, waarvan nog een paar KB gereserveerd was voor het videogeheugen. Maar wat het voornaamste was: met deze thuiscomputers kon je programma’s maken en uitvoeren, computerspelletjes spelen, databeheer, spreadsheets maken en ook programma’s voor tekstverwerking en tekenprogramma’s stonden allemaal tot je beschikking. De computer maakte steeds meer haar intrede in de maatschappij. Voor beginnende PC-gebruikers werden speciale cursussen in het leven geroepen. Homecomputers waren minder krachtig dan zakencomputers maar hadden wel beter geluid en betere grafische kwaliteit. Later in de jaren 80 verdween deze scheidslijn daar ze beiden hetzelfde operatingsysteem en dezelfde processoren gebruikten.

Spelcomputers

Eind jaren 70 en begin jaren 80 begon de grote opkomst van de computerspelletjes. Het begon allemaal met arcadespellen, die in een speelhal gespeeld werden. Dit veranderde toen Atari het populaire spelletje Pong! ook voor thuis introduceerde. De eerste generatie spelcomputers was geboren! Atari kwam al snel met de tweede generatie, waarop meer dan één spelletje te spelen was, de Atari 2600. Toen verschenen er ook andere aanbieders, zoals Magnavox, Philips en Nintendo.

Atari produceerde arcadespellen, spelcomputers en homecomputers en was vooral in de jaren ’80 succesvol. De joystick kwam op de markt en vond gretig aftrek. Jongeren hadden snel door hoe ze de joystick moesten gebruiken bij de spelletjes op de computer. Met vriendjes en vriendinnetjes begon het gamen.

Spellen

Pac-Man
Pac-Man is een klassiek computerspel, voor het eerst uitgebracht door Namco als arcadespel op 22 mei 1980. Binnen een jaar werden honderdduizend arcademachines verkocht. Het is een van de succesvolste computerspellen aller tijden en overtreft spellen als Tetris en Street Fighter. Het leukste is om Pac-Man te besturen met een joystick, maar met de pijltjes op een toetsenbord kan het ook.

King’s Quest

King’s Quest is een serie computerspellen die vanaf 1984 werden uitgebracht door Sierra. De serie speelt zich af rond het personage Sir Graham en zijn familie. De verhaallijnen zijn bedacht en geschreven door Roberta Williams, medeoprichter en voormalig eigenaar van Sierra.

Voor 1984 bestond een ‘avonturenspel’ alleen uit tekst. De speler las enkele regels op een voor de rest zwart scherm, tikte een commando in en hopelijk leverde dat commando opnieuw enkele regels tekst op. In 1984 veranderde dat met King’s Quest. Het is een spel waarbij de speler in de huid van het hoofdpersonage kruipt. Met de pijltoetsen, muis of commando’s beweegt het personage. Daardoor laat de speler hem acties uitvoeren. Zo speelt de speler een verhaal na, dat doet denken aan een middeleeuws sprookje. Dit spel was erg bijzonder voor die tijd. Veel mensen zagen King’s Quest als een interactieve tekenfilm.

Schaken
Schaken tegen de computer werd in de jaren 80 erg populair. Dit kon via een speciale schaakcomputer of via een schaakprogramma voor de thuiscomputer. De eerste versie, Chessmaster 2000, werd in 1986 uitgebracht door Software Toolworks voor Amiga, Apple II, Atari ST en IBM-PC. Chessmaster was een van de eerste schaakprogramma’s die 3D-graphics gebruikte voor bordpresentatie. De Chessmaster 2000 volgt de conventionele regels van het schaken, maar er zijn veel onconventionele functies beschikbaar. Zo kunnen spelers zetten ongedaan maken, op een 2D- of 3D-bord spelen, op elk moment van kant wisselen, games opslaan en/of afdrukken, of een compleet spel opnieuw spelen met The Chessmaster.

Bekijk spelletjes van toen op YouTube:


Pac-Man


1984, King’s Quest 1


Riveresque


Top 10 Atari ST Games

Ruimtevaart

De eerste space shuttle, Discovery, wordt gelanceerd. Het is het eerste ruimtevaartuig dat terugkeert op aarde en weer opnieuw gelanceerd kan worden. Op 29 juli 1984 na een verblijf van twaalf dagen in de ruimte keerde het Russische, ruimtevaartuig Sojoez-T-12 terug op aarde. De drie kosmonauten maakten met hun schip een perfecte landing in het gebied 140 kilometer ten zuidoosten van Djezkazgan in Kazachstan. Onder de bemanning was ook Svetlana Savitskaja, die als eerste vrouw een ruimtewandeling maakte.


Space Shuttle Discovery, Steven F. Udvar-Hazy Center.


Sojoez-T-12

Van 31 oktober tot en met 6 november 1985 maakte Wubbo Ockels (28 maart 1946 – 18 mei 2014), als eerste Nederlander, een vlucht door de ruimte. Een week lang is hij met de Amerikaanse space shuttle Challenger onderweg. Hij had in 1980 en 1981 een astronautenopleiding gevolgd. Tijdens de vlucht was hij onder meer verantwoordelijk voor de wetenschappelijke experimenten.

28 januari 1986 gaat de spaceshuttle Challenge weer de lucht in, ongeveer een minuut na de lancering explodeert deze. Alle zeven bemanningsleden komen om het leven. De oorzaak is een technisch mankement: er bleek een probleem te zijn met een afsluitzegel in de rechterstuwraket, waardoor er na de start gassen en brandstof uit de raket lekten.

De explosie en het daaropvolgende neerstorten van het toestel in de oceaan, werd op film opgenomen en later uitgezonden op televisie. Door de ramp met de Challenger kwam het spaceshuttleprogramma enige tijd stil te liggen. Pas in september 1988 werd het programma met de lancering van de Discovery weer opgepakt.


1985, Wubbo Ockels Spacelab


1986, Ramp met de Challenger

In 1986 zendt ruimteschip Voyager 2 beelden naar de aarde van de planeet Uranus. De planeet ligt op 3000 kilometer afstand en de beelden hebben bijna drie uur nodig om de aarde te bereiken.

Op 19 februari 1986 lanceerde de Sovjet-Unie de Mir, het eerste ruimtestation dat rond de aarde cirkelde en dat ongeveer 15 jaar bijna permanent bewoond werd. Het bestond uit verschillende met elkaar verbonden modules, waarvan de eerste module op in 1986 werd gelanceerd en de laatste in 1996.


Voyager 2, Uranus


1986, Mir

Mobiele telefonie

Dokter Martin Cooper (26 december 1928) is degene die bij Motorola het onderzoeksteam leidde dat de draagbare mobiele telefoon ontwikkelde. Cooper voerde als eerste persoon een gesprek via een mobiele telefoon op 3 april 1973 in New York. Het was een versie die meer dan een kilo woog, maar de techniek was er. In 1983 kwam de eerste mobiele telefoon op de markt, want Motorola achtte de kansen voor de autotelefoon groter en besteedde daar meer aandacht aan.

Ver voor de opkomst van de mobiele telefonie waren 06-nummers al in gebruik. In de jaren tachtig werden ze namelijk gebruikt als betaalnummers. Het gaat hier veelal om zogenaamde sekslijnen. Hoewel er grote interesse voor is, heerst er een taboe rond de 06-nummers. De vroegere 06-nummers zijn inmiddels vervangen door 0900-nummers en worden allang niet meer geassocieerd met sekslijnen. De huidige 06-nummers zijn voor mobiele telefoons.


Ghriet Titulaar over de mobiele telefoon


1985, Fiets met telefoon; stukje uit Tros Wondere Wereld (een televisieprogramma uit de jaren 80 gepresenteerd door Chriet Titulaar, had de laatste uitzending in 1989) over de nieuwste hi-tech gadgets/nieuwtjes.

Medische wetenschap

Hiv en aids
Aids is inmiddels een bekende ziekte, maar was dat niet altijd. Begin jaren tachtig wisten de verontruste artsen zich geen raad met deze nieuwe, mysterieuze aandoening. In 1982 verschijnen berichten over een onbekende dodelijke ziekte in de Verenigde Staten, die door de uitschakeling van het immuunsysteem in het menselijk lichaam slachtoffers maakt onder homoseksuele mannen en hemofiliepatiënten maar ook onder heteroseksuelen met veel wisselende partners.

De ziekte wordt bekend als aids. Al snel volgt in 1983 de ontdekking van de veroorzaker, het hiv, en een aidstest in 1984. In 1987 komt de aidsremmer ATZ op de markt. De overheid gaat in campagnes het veilig vrijen aanmoedigen. In Nederland zijn sinds 1981 (tot eind 2009): 8059 aidspatiënten, naar schatting 21.000 mensen met hiv, waarvan 13.000 geregistreerd.

Hiv
Hiv is het virus dat aids veroorzaakt. Hiv breekt stap voor stap het afweersysteem af dat het lichaam heeft opgebouwd om het individu te beschermen tegen allerlei virussen en bacteriën. Dat kan leiden tot symptomen en klachten. Als die beschermlaag zo verzwakt is dat het lichaam zich bijna niet meer kan beschermen, dan noemen we dat aids.

Aids
Wanneer het lichaam zich door hiv niet langer kan beschermen tegen virussen en bacteriën is er sprake van aids. Aids kan dodelijk zijn. Gelukkig zijn er in Nederland voor iedereen goede medicijnen beschikbaar, waardoor hier niemand hoeft te sterven aan aids. In andere landen, vooral in Afrika is dat heel anders. Daar sterven heel veel mensen met hiv aan aids.

Heroine
Het gebruik van heroïne door jongeren neemt epidemische vormen aan. In Nederland wordt, met de verstrekking van het vervangende middel Methadon geprobeerd, zowel de verslaafden als de samenleving te beschermen. Tegelijk worden samenscholingsverboden afgekondigd voor gebieden waar overlast en criminaliteit de leefbaarheid te veel aantasten.

Maagbacterie Heliobacter pylori
De maagbacterie Heliobacter pylori wordt in 1982 herontdekt door de Australiërs Barry J. Marshall en J. Robin Warren, die ook aantonen dat deze de oorzaak is van maagklachten als Gastritis, maagzweren en uiteindelijk maagkanker. Patiënten die al jarenlang lijden aan maagbloedingen blijken te genezen met antibiotica en maagzuurremmers.

Diepvriesbaby
Op 3 juli 1984 werd in het Dijkzigt ziekenhuis in Rotterdam de eerste ‘diepvriesbaby’ geboren. Het kind was een jongetje van 8 pond. Een zogenaamde diepvriesbaby is een kind dat geboren wordt na een zwangerschap, ontstaan doordat een eicel buiten de baarmoeder is bevrucht. De geboorte van deze diepvriesbaby was lange tijd aanleiding tot discussies over de ethiek van de manipulatie van leven.

De invriesmethode is een aanvulling op de zogenaamde reageerbuisbaby en zorgt ervoor dat embryo’s, die na een operatie niet ingebracht kunnen worden, op een later tijdstip alsnog getransplanteerd kunnen worden. Het ziekenhuis wijst erop, dat kans op succes met de invriesmethode voorlopig nog beperkt is.

De eicellen werden verkregen bij een zogenaamde laparoscopie in het kader van een routine vruchtbaarheidsonderzoek. Hierbij wordt een buisje in de buik van de vrouw gebracht, waardoor de eitjes kunnen worden opgezogen. In het laboratorium vond daarna de bevruchting, de eerste celdeling en het invriezen plaats. Het embryo is een maand lang bij een temperatuur van 196 graden onder nul bevroren geweest, daarna ontdooid en in de baarmoeder gezet. Deze diepvriesmethode, die verder gelijk is aan de reageerbuismethode, biedt de mogelijkheid om meer eitjes in het laboratorium te bevruchten en te bewaren tot het meest geschikte moment voor transplantatie. Er kunnen ook meerdere embryo’s tegelijk in de baarmoeder worden gebracht, waardoor de kans op een volledige zwangerschap wordt verhoogd.

Diepvriesbaby ivf
1984, de eerste 'diepvriesbaby' in Nederland.

Draagmoederschap
In Nederland is draagmoederschap onder omstandigheden mogelijk. Stellen met een kinderwens kunnen een draagmoeder binnen hun eigen familie en kennissenkring zoeken. Voor kosten die de draagmoeder maakt, kunnen de wensouders een vergoeding geven. Commercieel draagmoederschap bevorderen is verboden.

De draagmoeder wordt via de natuurlijke weg of via kunstmatige inseminatie bevrucht. De bevruchte eicel is afkomstig van de draagmoeder. Dit heet laagtechnologisch draagmoederschap. De draagmoeder is genetisch de moeder van het kind. Het kan ook op een andere manier, hoogtechnologisch draagmoederschap. Door in-vitrofertilisatie (ivf) ontstaat een embryo en deze wordt vervolgens bij de draagmoeder ingebracht. De eicel die voor de bevruchting is gebruikt, is meestal niet van de draagmoeder. De draagmoeder is daarom meestal niet de genetische moeder van het kind. Door de medische risico’s en succeskansen zijn er grenzen aan de leeftijd van de eiceldonor (tot 43 jaar). En ook zijn er grenzen aan de leeftijd van de draagmoeder (tot 45 jaar).

Omdat er bij hoogtechnologisch draagmoederschap altijd artsen betrokken zijn, zijn er regels voor wie hier wel en niet gebruik van mogen maken. In 2016 nam de beroepsgroep gynaecologen het volgende standpunt in:
Wensmoeders met een ernstige aandoening, waardoor een zwangerschap potentieel levensbedreigend of ongewenst is, komen in aanmerking voor draagmoederschap. Eerder kwamen alleen wensmoeders zonder baarmoeder, maar met functionerende eierstokken in aanmerking voor draagmoederschap. Homoseksuele mannelijke wensouders komen anno 2016 in aanmerking voor draagmoederschap.

Genetisch gemodificeerde gewassen

Het bedrijf Monsato is een van de eerste dat een cel van een plant genetisch modificeert, in samenwerking met drie academische teams. En in 1987 is het een van de eerste die veldproeven met genetisch gemodificeerde gewassen uitvoert. Genetisch gemodificeerde gewassen zijn bijvoorbeeld maïs, soja, katoen, suikerbieten, koolzaad en kleine hoeveelheden courgette en gele pompoen. Overigens is er in Nederland nog niet van al deze soorten een gemodificeerde versie te vinden. In Europa bestaat er een behoorlijke strenge regelgeving als het gaat om genetische modificatie.

Met genetische modificatie (GM) worden de eigenschappen van planten, bacteriën of gisten veranderd. Genen met positieve eigenschappen van bijvoorbeeld bacteriën of planten worden toegevoegd aan een ander organisme. Zo maakt GM planten bijvoorbeeld ongevoelig voor onkruid- of insectenbestrijdingsmiddelen. Door GM kunnen gisten, bacteriën of schimmels nuttige stoffen maken, zoals vitamines, enzymen en aromastoffen. Of medicijnen, zoals menselijke insuline.

Als er genetisch gemodificeerde ingrediënten in het voedsel zitten, staat dit op het etiket. De biologische sector maakt geen gebruik van genetische modificatie. Rond het toepassen van genetische modificatie bestaat veel discussie. De argumenten die daarbij zowel door de voor- als de tegenstanders worden gebruikt hebben te maken met de volksgezondheid, de ecologie, de economie en zijn voor een deel ethisch van aard. Genetisch gemodificeerde gewassen zijn niet onomstreden.

Samengesteld door Ilse Steel.

Bronnen:
Het jaren tachtig boek
Rubert Matches Ooggetuigen van de jaren 80
Geïllustreerde encyclopedie Uitgeverij De Spaarnestad
Isisgeschiedenis
Historieknet
Het Aanzien
Andere Tijden
Digibron
Aidsfonds
Rijksoverheid
Buddy netwerk
Wikipedia
Wikimediacommens
Gahetna
voedingscentrum.nl
11. Muziek: popartiesten...
13. Nederlandse films...
X

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat u onze website zo goed mogelijk beleeft. Als u deze website blijft gebruiken gaan we ervan uit dat u dat goed vindt. Meer informatie

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker beter werkt. Daarnaast gebruiken wij o.a. cookies voor onze webstatistieken.

Sluiten