Home / Voordrachten / De gouden bruiloft van Hein en Trui

De gouden bruiloft van Hein en Trui

Met dank aan Ron Zuurbier voor het insturen van de tekst

Hein zang:
Nou Trui we zijn weer thuis de bruiloft is geweest.
En nou is ’t afgelopen met ons gouden feest.

Trui:
Het was ’n mooie dag die wij beleven mochten
En netjes is t gegaan d’r is helemaal niet gevochten.

Hein:
En wat ’n berg cadeau’s, de één mooier nog dan de ander,
Maar weet je wat ik ’t minste vond, ’t cadeautje van neef Sander.

Trui:
Die heb ik in de gaten hoor dat is me ’n galgestrop,
Die koopt iets voor ’n gulden en vreet voor een daalder op.

Hein sprekend:
Nou ja d’r waren toch effentief mooie cadeau’s bij van m’n oude baas ’n gouden horloge.

Trui:
Had hij maar ’n paar gouden kiezen gegeven die had ik harder nodig maar,
Alla aardig was ‘t

Hein:
De buren en de familie hadden ook d’r best gedaan, ons hele huisie was versierd met goud en groen

Trui:
Ja zelfs m’n kanariepietje hadden ze versierd, as ’t beessie d’r maar niks van krijgt.
Maar ik heb er geen woord over gezeid omdat ze ’t zaaltje weer ’t feest houden is zo prachtig versierd hadden.
Wat was ‘t ’n fijn en rojale dag.
Ja, ja ’t is den ook vijftig jaar leden dat je me om me hand vroeg herinner je nog Hein?

Hein:
Och vrouw d’r zijn van die ongeluksdagen die je nooit vergeet!

Trui:
Maar het is toch aandoenlijk als je je gouden feest beleven mag terwijl je d’r zelf nog zo bij ben?
En toen die kleine Pietje van onze Heintje dat versie opzij van Lieve Opa na vele jaren zie ik nu uw gouden haren.

Hein:
Waar haalt die bliksemse aap die gouden haren vandaan?
Ik heb niet eens gewone laat staan van gouden.

Trui:
Nou ja ’t waren figuurlijke haren.

Hein:
Kan je die kammen Trui?
Enfin ’t was malligheid zo’n gouden feest vergeet je niet wel Trui.

Trui:
Net zo je zegt.

Refrein (samen zingen):
Wij hebben vijftig jaren lief en leed gedragen.
Ik was haar man en zij mijn vrouw.
Wij blijven steeds elkander trouw en slijten verder rustig onze dagen.
’t Was vandaag ons gouden feest en dat is de schoonste dag geweest.

Hein:
We hebben vijftig jaren lief en leed gedeeld.
Vertel me nou eens eerlijk trui, heb ’t je ooit verveelt?

Trui:
Als ik ’t eerlijk zeggen moet Hein volgens je verlangen.
Ja soms heb je me zes el m’n keel wel uitgehangen.

Hein:
Maar Trui, hoe kan dat nou, ik heb je nooit geranseld,
Ik heb nooit je gouden slot of je meubeltjes verkwanseld.

Trui:
Dat niet hoor Hein maar ik dacht dikwijls ik wou zo graag ’n knappe man
En nou kijk ik mijn hele leven tegen zo’n mirakel an.

Hein:
Nou Trui, één van de mooiste ben ik niet.

Trui:
Dat is tenminste ’t eerste verstandige woord die ik in die vijftig jaar van je hoor.

Hein:
Wees nou niet zo hatelijk.
Maar ’n man hoeft niet mooi te zijn, al wat ’n man mooier is dan ’n aap, dat heb ie toe.

Trui:
Nou dan heb jij zeker niks toe had.

Hein:
Mot je me dat nog op ons gouden feest naar m’n kop smijten?

Trui:
Wou je soms dat ik ’n ijzeren pot naar je kop smeet?
Mooi ben je, is ’t nou goed!

Hein:
Mooi niet maar je hebt aan mij ’n goeie man getroffen.
Heb ik ‘r ooit wat van gezegd als je de aardappelen liet aanbakken en als je ’s nachts de centen uit mijn vestje haalde?
(snikkend) Ben ik niet altijd een flinke man voor je geweest?
Had ’n ander ‘t vijftig jaar met je uitgehouden?
Nee Trui: de waarheid!

Trui:
(eveneens snikkend) Hein skei uit je maak me wijk, als je zo praat krijg ik ’n soortement van hartverduistering
En dan raak ik helemaal van m’n trammellantaarn.
Maar ben ik niet altijd goed voor je geweest?
Ben ik niet ’s ochtends niet altijd ’t eerste opgestaan, heb ik niet altijd voor je trommeltje gezorgd?

Hein:
Ja hoor Trui, we hebben ’t best met elkaar getroffen.
Alles hebben we samen gedeeld.

Trui:
Ja maar jij hebt altijd ’t grootste portie opgevreten.
Afijn we praten d’r niet meer over.

Hein:
Nee op zo’n dag als vandaag, zo’n gouden feest.
Trui had je dat met ’n ander willen beleven?

Trui:
Net zo je zegt.

Refrein (samen zingen):
Wij hebben vijftig jaren lief en leed gedragen.
Ik was haar man en zij mijn vrouw.
Wij blijven steeds elkander trouw en slijten verder rustig onze dagen.
’t Was vandaag ons gouden feest en dat is de schoonste dag geweest.

Hein:
Er was van alles zat van eten en van wijn,
De tafel was versierd met bloemen, ’t was fijn.

Trui:
Zeg heb je wel gezien hoe Mieke zat te bikken,
Ik dacht die zie ik zo in d’r varkenslappie stikke.

Hein:
Dat spietsje van neef Jan dat heeft me diep bewogen,
Toen rolden me warempel de tranen uit mijn ogen.

Trui:
Hij zei geniet van het leven tante Trui en ome Hein,
Want ’t volgend jaar zullen jullie beide wel begraven zijn.

Hein:
Gut Gut wat kon die jongen spietsen.
Hij zei innig geliefd bruidspaar op deze heuglijke dag wens ik je namens de familie veel heil en zegen in ’t nieuwe jaar
En ik overhandig jullie als cadeau twee leuningstoelen om te zitten.
Ze benne nagenoeg eender maar ome Hein heeft rechte poten en Tante Trui poten met knobbels dan kan je je niet vergissen.

Trui:
En toen riepen ze allemaal Hoera lang zal ze leven en begon mijn broer Cees te spreken.
Die zei Hein als zwager en wettelijke man van m’n zus Trui ben je aan mijn hart gebakken
En omdat jij iemand bent die lekker ken bikke en omdat er niks aan je gezondheid mankeert heb ik ’n bordje met ’n daarop toepasselijke spreuk:
De hemel zegene uw in- en uitgang, verslijt het in gezondheid.

Hein:
Ja heel mooi hè Trui en toen zijn we begonnen te eten en wat ome Jozef heeft voor dessert gauw de knoop van zijn broek laten verzetten anders was hij effentief uit elkaar gesprongen.

Trui:
Wie ome Jozef of die broek?

Hein:
Allebei Trui en tante Heinebed had ‘m zo ongenadig om omdat ze toen ze ’n broodje wou smeren de boter in plaats op ’t broodje op ’t kale hoofd van ome Nelis heeft gesmeerd.

Trui:
Hihi, toen had ie ’n boterhoofdje.

Hein:
En ome Nelis merkte er niets van, die riep almaar barbier barbier je doet te veel Pomede op m’n kop. Gut Trui wat ’n feest.
Zo’n gouden bruiloft vergeet je niet.

Trui:
Net zo je zegt.

Refrein (samen zingen):
Wij hebben vijftig jaren lief en leed gedragen.
Ik was haar man en zij mijn vrouw.
Wij blijven steeds elkander trouw en slijten verder rustig onze dagen.
’t Was vandaag ons gouden feest en dat is de schoonste dag geweest.

Hein:
Nog vijfentwintig jaar en als ik ’t beleef,
’n Diamanten bruiloft die ik dan weer geef.

Trui:
Hein ik zou zoiets niet zolang vooruit willen bepalen.
Misschien dat ik ’t beleef maar jij zal ’t wel niet halen.

Hein:
Ja Trui dolt er maar mee, maar werd je mij ontnomen,
Zou ’t ergste zijn wat mij kon overkomen.

Trui:
Een man alleen is niks hoor Hein, daar denk ik zo dikwijls aan
En daarom hoop ik altijd maar dat jij het eerst zal gaan.

Hein:
Ja Trui as je vijftig jaar trouwt ben dan ben je als man zijnde niks meer,
Maar je mot niet denken dat ’t onhartelijk van me is dat ik jou ’t eerst wil laten gaan.

Trui:
Nee Hein, je zou me met plezier begraven dat weet ik.

Hein:
Ja zie je, ’t zou ook beroerd wezen als je als eenzame weduwe achter bleef.

Trui:
Maak je daar maar niet bezorgt over, ik trouw dadelijk met je broer Cees,
Dat hebben we 10 jaar geleden al afgesproken.
De wacht is alleen nog op jou.

Hein:
Trui, je bent ’n verstandig mens.
Jij zorgt voor de toekomst maar voorlopig hoef je er niet op te rekenen.
Ik ben net ’n koloniaal, ik heb weer bijgetekend.

Trui:
Gelijk heb ie, als je vijftig jaar bij mekaar ben moet je samen uit samen thuis.
Zeg Hein, weet je nog dat je me voor vijftig jaar om me hand vroeg.
Toen zei je dat je me hele leven op je handen zou dragen!

Hein:
Dan had je Jaap Groenland moeten nemen.
Die lapt ‘t ‘m, maar ik ben nooit geen atleet geweest.

Trui:
Ja Hein, je bent wel veranderd.
Vroeger zei je altijd kom dicht bij me
En nou ga weg met je koue poten.

Hein:
Maar jij bent ook dezelfde niet meer.
Vroeger lag je altijd je hand op mijn gezicht.

Trui:
Doe ik dat dan nou niet meer?

Hein:
Ja, maar dan houd ik er altijd ’n blauw oog bij over.
Trui, vijftig jaar gaat ’n mens niet in zijn kleren zitten.

Trui:
Net zo je zegt.

Refrein (samen zingen):
Wij hebben vijftig jaren lief en leed gedragen.
Ik was haar man en zij mijn vrouw.
Wij blijven steeds elkander trouw en slijten verder rustig onze dagen.
’t Was vandaag ons gouden feest en dat is de schoonste dag geweest.

X

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat u onze website zo goed mogelijk beleeft. Als u deze website blijft gebruiken gaan we ervan uit dat u dat goed vindt. Meer informatie

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker beter werkt. Daarnaast gebruiken wij o.a. cookies voor onze webstatistieken.

Sluiten